Terug thuis – afspraak op Reismarkt

Op 3 februari liep ons grote avontuur ten einde en arriveerden we door de dikke dikke wolken heen in het grijze België. De hele familie was van de partij met reuze spandoek en al…Bjorn en ik waren onze kluts kwijt! Bjorn zag het spandoek niet (je moet niet vragen) en ik wist niet wie eerst te begroeten. En we hadden ook een heleboel te vertellen want Bjorn had me op onze laatste dag in Afrika ten huwelijk gevraagd. Het werd dus een blij weerzien met huwelijksaankondiging en dat was van het goede wat te veel ;-) !

‘s Middags kregen we bij mama Hilde en papa Luc lekkere pistolekes en koffiekoeken voorgeschoteld en ‘s avonds frietjes van het frituur…heerlijk! De dag erop trokken we dan naar mama Yannik en papa Dirk. Daar mochten we direct kerst cadeautjes openmaken en we waren in onze nopjes.

Zaterdag trokken we naar Antwerpen, waar onze Japanse huurders ons de sleutels van ons appartement teruggaven. Ze hadden een kuisploeg laten komen en ons huisje lag er piekfijn bij! En zo hadden we al snel terug onze eigen stek. Aangezien we niets in huis hadden, besloten we naar de colruyt te gaan. Hemeltje, was dat een avontuur zeg! Om te beginnen reden we verloren in de kleine steegjes van Antwerpen en vonden we de winkel niet. Toen we dan eindelijk arriveerden, waren we echt overdonderd door het enorme aanbod producten. Helemaal onze kluts kwijt! Kiezen tussen minstens 10 soorten toiletpapier, zout, suiker, afwasmiddel,… We deden er drie uur over ofzo.

Inmiddels zitten we al terug in het westerse ritme en is de stress weer van de partij. Drukke agenda met vele af te leggen bezoekjes. Bjorn kreeg daar bovenop van zijn werk te horen dat hij 14 maart naar Egypte moet vertrekken. Onze mama’s zijn ontroostbaar! Hierdoor is alles wat in een stroomversnelling terechtgekomen en op 12 maart om 11 uur stappen we in de gemeente van Varsenare in het huwelijksbootje.

Maar voor het zover is, is het nog Reismarkt! Nu zondag 27 februari zitten wij in de Brugse Stadshallen en kan iedere avonturier aan ons standje terecht voor vragen betreffende onze reis. Jullie zijn bij deze van harte uitgenodigd! Voor meer informatie over dit evenement kan je terecht op de officiële website reismarkt 2011. Hopelijk tot dan!

Door ons drukke programma heb ik nog steeds ons verslag van Namibië en Zuid-Afrika niet kunnen publiceren. De foto’s van Zuid-Afrika staan inmiddels wel live. Geniet ervan!

Het einde is in zicht!

Sinds dinsdag zijn we officieel ‘huisloos’. Na drie dagen grondig kuisen, wassen en strijken was Gari klaar om de container in te gaan. Na elf maanden trouwe dienst, deed het raar om ons bakie achter te laten. Maar we mogen niet klagen. We tuffen nu rond in een knal oranje landie die we van Belgische vrienden hier in Kaapstad mogen gebruiken.

We beginnen stillekes aan te beseffen dat ons fantastische avontuur erop zit. Gedaan met de absolute vrijheid, gedaan met het buiten leven en kamperen, gedaan met de toerist uithangen. En hoewel we de laatste weken wat zitten mekkeren hebben over het kamperen en het constant in- en uitpakken, missen we het nu verschrikkelijk.

We zijn ons nu volop aan het voorbereiden op onze terugkeer naar België. Volgende week donderdag om zeven uur ‘s ochtends zetten we eindelijk terug voet op Belgische bodem. Veel lijkt er in een jaar niet veranderd: de treinen hebben nog steeds vertraging (meer dan ooit zelfs), nog steeds geen regering, de zoveelste finale van de slimste mens is alweer in aantocht en de kranten geven nog altijd alleen maar slecht nieuws. Een jaar lang geen tv en nieuws en we hebben het niet gemist.

We beginnen pas een maart terug te werken en kunnen dus nog van een maandje rust genieten. En wat tijd inhalen met familie en vrienden!

De verslagen van Namibië en Zuid-Afrika volgen nog. Alweer wat straffe toeren uitgehaald. Je kan alvast de foto’s van Namibië bekijken (zo’n beetje de foto climax van onze reis vinden we zelf persoonlijk) door hier te klikken.

Botswana: het Afrikaanse succesverhaal

Nationaal symbool Botswana In een continent van armoede en corruptie is Botswana de uitzondering die de regel bevestigt. In 1966 werd het land onafhankelijk. De jonge republiek stond er economisch beroerd voor. De belangrijkste activiteit was veeteelt. Deze werd het jaar van de onafhankelijkheid echter zwaar getroffen door een periode van extreme droogte. Botswana werd gedwongen voedselhulp en buitenlandse steun te accepteren. In 1967 bleken de Britten zich enorm vergist te hebben met het loslaten van Botswana. Nog geen jaar nadat het lang onafhankelijk was geworden, werd bekend dat het beschikte over enorme diamantvoorraden. Het gevolg was dat Botswana tot 2001 een van de hoogste economische groeicijfers ter wereld had.

Het bijzondere aan het succes verhaal van Botswana is uiteraard niet de vondst van de diamantmijn. Vele Afrikaanse landen beschikken over rijke grondstoffen. Neen, het bijzondere aan Botswana is dat het land een stabiele staatsstructuur, een goede economie, een goede infrastructuur, goed ontwikkeld onderwijs en een uitgebreide gezondheidszorg heeft.

De vraag is dan: wat is er verschillend aan Botswana ten opzichte van de andere Afrikaanse landen, waar corruptie nog steeds hoogtij viert? Sinds onze intrede in het Afrikaanse continent hebben we er mee te kampen gehad: corruptie! Corruptie op alle gebied: de wegenpolitie, de grensambtenaren, de overheid,… je zou haast gaan denken dat het in de genen van de zwarten zit. Vele redenen worden aangegeven waarom Afrikaanse landen niet goed functioneren: met name geografische, historische, culturele, tribale en institutionele. De geschiedenis van Botswana is echter niet verschillend met die van andere Afrikaanse landen. Elk van de bovengenoemde redenen is ook op Botswana van toepassing en toch is er een wereld van verschil.

Alle Afrikaanse landen, buiten Zuid-Afrika en Botswana hebben één ding gemeen: ze zijn allemaal afhankelijk van hulpverlening. Sinds de jaren veertig is bij benadering één biljoen dollar aan hulp van rijke landen overgemaakt naar Afrika. Moesten we dat bedrag vandaag verdelen over de totale wereldbevolking, dan zou elke mens op aarde duizend dollar ontvangen. En toch is de Afrikaanse economische groei gestaag neerwaarts gegaan, blijven de armoede niveaus stijgen en wordt de stank van algemeen heersende corruptie steeds doordringender. Wat gebeurt er dan met het geld?

Klein voorbeeldje: na zijn ontmoeting met president Raegan had de president van Zaïre, Mobutu, verzocht om gemakkelijkere condities om de schuld van het land van vijf miljard dollar af te betalen. Onmiddellijk daarop leasde hij een Concorde om zijn dochter naar haar huwelijk in de Ivoorkust te laten vliegen. Volgens Transparancy International zou Mobutu bij benadering Zaïre hebben beroofd voor de lieve som van vijf miljard dollar. Grofweg hetzelfde bedrag werd Nigeria door president Sani Abacha ontstolen en op Zwitserse privé banken gezet. De lijst van corrupte praktijken in Afrika is bijna eindeloos. Maar waar het bij corruptie in Afrika om gaat is dat hulpverlening een van haar grootste hulpmiddelen is. Uiteraard is hulpverlening niet de enige bron van inkomsten voor corruptie. In Afrika zijn meevallers in de vorm van natuurlijke hulpbronnen vaak meer een vloek dan een zegen gebleken. Net als hulpverlening zijn ze gevoelig voor diefstal en hebben ze praktisch ongelimiteerde mogelijkheden geboden voor het vermeerderen van persoonlijke rijkdom en vergroting van persoonlijke macht. Het cruciale verschil tussen buitenlandse hulp en wat natuurlijke hulpbronnen schenken is natuurlijk dat hulpverlening een actief en weloverwogen beleid is dat is gericht op ontwikkeling.

Nu zie ik velen van achter hun computerscherm al denken: “is dat niet wat overdreven?”. Enkele voorbeelden dus: In 1978 werd Irwin Blumenthal door het IMF (International Monetary Fund) aangesteld op een post in de centrale bank van wat toen Zaïre was. Hij nam binnen het jaar ontslag en schreef een nota waarin stond dat het corrumperende systeem in Zaïre met al zijn kwalijke manifestaties zo ernstig is dat er geen (ik herhaal geen) kans bestaat dat de schuldeisers van Zaïre hun geld terugkrijgen. Kort na Blumenthals nota verstrekte het IMF aan Zaïre de grootste lening die het ooit aan een Afrikaans land had gegeven.

Meer recent: Grace Mugabe, de vrouw van de president van Zimbabwe staat erom bekend dat ze graag in het exclusieve Harrods in Londen winkelt. Iedereen kent het beleid van Mugabe. Zimbabwe was vroeger de graanschuur van Afrika, tot Mugabe besloot alle blanken te onteigenen. Zwarten kregen gratis de boerderijen van de blanken. Gevolg is dat er nagenoeg geen landbouw meer is nu. Toch ontving het land in 2006 nog driehonderd miljoen dollar aan buitenlandse hulp. Je zou zelfs kunnen beweren dat de reden waarom Mugabe het zo lang heeft uitgehouden is dat hij overeind is gehouden door kolossale ontvangsten buitenlandse hulp.

In een studie van de Wereldbank blijkt dat maar liefst vijfentachtig procent van zijn hulpstromen voor andere doeleinden werd gebruikt dan waar ze aanvankelijk voor bedoeld waren. Een andere studie van de Wereldbank uit 1997 laat zien dat tussen 1980 en 1996, tweeënzeventig procent van de hulp die de Wereldbank aan aanpassingsleningen verschafte, naar landen ging die op dit punt een slechte staat van dienst hadden (ze betaalden dus niet terug). Dus hoewel de voorwaarden flagrant werden genegeerd, bleef de hulpverlening doorgaan.

De vraag is, waarom blijven geven?

De Wereldbank heeft tien duizend mensen in dienst, het IMF meer dan twee duizend vijfhonderd. Tel daar nog eens vijf duizend voor de andere VN-bureaus bij op plus de werknemers van ten minste twee duizend vijfhonderd geregistreerde ngo’s (bv.: Artsen zonder Grenzen, Unicef, Vredeseilanden, Rode Kruis,…), private liefdadigheidsorganisaties en de hoeveelheid hulporganisaties van de overheid. Alles bij elkaar ongeveer vijf honderd duizend mensen, die van de hulpverlening leven. Hun bestaansmiddelen zijn afhankelijk van de hulpverlening. Niet-uitgegeven bedragen vergroten de kans dat het volgende hulpprogramma drastisch zal beperkt worden. Het logische gevolg daarvan is dat hun eigen positie als organisatie in gevaar komt…

Je kan je dus de vraag stellen wie we uiteindelijk helpen. En uiteraard bestaat onze hulp uit goede intenties. De hierboven genoemde feiten zijn afkomstig uit het boek ‘Doodlopende hulp’ van Dambisa Moyo. De schrijfster is afkomstig uit Zambia. Ze haalde haar Masters aan de Harvard Universiteit en haar PhD aan Oxford. Ze vroeg zich af waarom ze voor onderwijs van dergelijk niveau niet terecht kon in haar eigen land en daarmee was haar belangstelling geboren voor de gevolgen van ontwikkelingshulp. Het boek is een echte aanrader.

Zondag 14 november

De gevolgen van het goede beleid in Botswana waren onmiddellijk voelbaar. De grensovergang verliep opmerkelijk vlot. De wegen waren fantastisch goed en de supermarkten uitstekend bevoorraad van producten tegen schappelijke prijzen. Daarenboven was het er redelijk veilig. Al deze factoren samen hadden we sinds Oostenrijk! niet meer gehad!

We trokken in Kasane naar een camping dat het Zwitserse koppel dat we in Zambia ontmoet hadden, ons had aangeraden. Luxe! We kampeerden, maar hadden onze eigen douche, toilet en keukentje. We arriveerden er tegen twee uur en informeerden ons voor een boottochtje op de Chobe rivier. De eigenaar van de camping vertelde ons dat er net een groep Zuid-Afrikanen een bootje hadden geboekt voor drie uur. Als we snel waren, konden we misschien met hen meegaan en de kosten delen. We sprongen dus onmiddellijk onze Gari in en trokken richting Chobe rivier. Toen we daar aankwamen, waren de Zuid-Afrikanen er al. Wij trokken het kantoortje in en vroegen extra informatie. De man zei dat we inderdaad met de Zuid-Afrikanen meekonden, maar dan moesten we hen toestemming vragen. We trokken dus samen met hem naar de parkeerplaats. Jeetje! Zelden zo’n onvriendelijke mensen gezien. Die negeerden ons gewoonweg. Toen de kantoorman recht op hen afstapte zei een van de oudere mannen boos dat dit niet de afspraak was! Bjorn en ik waren echt niet goed van de reactie van die mensen. Je kan vriendelijk neen zeggen en je kan boertig neen zeggen. Antwoord is hetzelfde maar de manier waarop maakt een hemelsbreed verschil. Enfin, wij boekten dus voor de dag erop een bootje voor ons tweetjes en besloten er een romantische uitstap van te maken.

De Zuid-Afrikanen hebben we geen blik meer gegund. Ze zeiden ons achteraf nog dat we mee mochten als we wilden… maar enfin, met zo’n mensen wilden we sowieso niet op een boot zitten. De Zuid-Afrikanen hebben over het algemeen in Afrika een slechte reputatie. Zo’n beetje als de Nederlanders in Europa. Die trekken op verlof en nemen letterlijk ALLES mee. En dan bedoel ik alles! Die hebben dus diepvries en al mee. Die proppen ze dan helemaal vol met vlees en groenten. Bijgevolg geven ze nauwelijks iets uit in het land waar ze verblijven. Verder reizen ze meestal in grote groepen en zijn ze in vele gevallen uiterst asociaal. Iets dat voor reizigers die lang onderweg zijn nogal choquerend is. Uiteraard zijn ze niet allemaal zo maar dat is wel de reputatie die ze hebben.

Maandag 15 november

In de namiddag trokken we terug naar het kantoortje voor ons boottochtje op de Chobe rivier. Ook dit was voor Bjorn intussen de derde keer dat hij deze excursie zou maken. Het is een tocht waar je negenennegentig komma negen negen negen procent kans hebt om olifanten te zien. Alleen het natuurpark van Chobe telt al zo’n honderdtachtig duizend olifanten.

IMG_3837 We nemen dus het bootje en zagen prachtige vogels, wat antilopen en buffels maar geen olifanten! Zelfs de man van het bootje was er van aangedaan. Met de komst van de regentijd zijn de dieren minder afhankelijk van de rivier voor water. Het gevolg was dus dat we nauwelijks dieren zagen. En dat klinkt misschien heel kinderachtig maar ik was echt een beetje teleurgesteld. Bjorn had al zoveel over de parken en de olifanten van Botswana verteld dat mijn verwachtingen erg hoog lagen.

Dinsdag 16 november

IMG_4048 We zouden die ochtend op game drive gaan en ons wekkertje liep extreem vroeg af! We waren dat niet meer gewoon. We trokken terug het Chobe natuurpark in, maar deze keer met de auto. Buiten een familie jackhals zagen we gene vette. ‘s Middags trokken we naar een lodge waar we gratis op internet konden. We zouden de dag erop naar Moremi trekken. Het reservatie systeem van Botswana was helemaal veranderd en om in nationale parken te mogen overnachten moesten we op voorhand boeken. We wilden dit via internet regelen maar hun netwerk was down! Afrika hè! Op de camping hadden we een koppel Fransen ontmoet die eveneens een jaar loopbaanonderbreking genomen hadden. In plaats van rond te trekken waren zij voor een jaar naar Botswana getrokken, waar ze gratis werkten voor een Franse touroperator. Zij hadden ons alle contactgegevens gegeven van de privé campings in de natuurparken. Uiteraard had ik net het nummer van de camping die we nodig hadden fout genoteerd! En zonder internet was dat een probleem. Enfin, alweer dikke ambiance tussen ons… Aan de receptie kreeg ik gelukkig van een vriendelijke balie bediende het correcte nummer en konden we de reservatie maken. Vervolgens trokken we naar een restaurantje waar we lunchten.

In de namiddag reden we terug Chobe in en eindelijk zagen we olifanten! Nu begreep ik beter ieders verbazing want eens je olifanten begint te zien, zie je er honderden! De olifanten van Botswana lijken groter dan die we in de rest van Afrika gezien hadden en ze leven in enorm grote groepen. Echt bijzonder om te zien.

IMG_4088 IMG_4073

 

 

 

 

 

Die avond op de camping was Bjorn enorm in zijn nopjes, want ook daar hadden we bezoek van olifanten. Ze liepen op zo’n kleine vijftig meter van onze auto en we moesten ze een paar maal wegjagen. De Fransman vertelde ons dat ze vorig jaar een ongeluk hadden gehad met een olifant die een tentje vertrappelde. De vrouw die in het tentje lag, raakte hierbij zwaar gewond en moest onmiddellijk naar Zuid-Afrika overgevlogen worden. Ik was blij dat we in een daktent sliepen…

Woensdag 17 november

Ook vandaag stond er een dagje ‘game driven’ op het programma. Via het Tsavo natuurpark zouden we richting Moremi natuurpark rijden en daar dan buiten het park slapen, kwestie van kosten te besparen. Via omweggetjes en paadjes reden we het park door. De wegen waren niet altijd duidelijk aangeven en het was niet echt eenvoudig rijden. Op een bepaald moment reden we een ‘vlei’ in. Dit is een uitgestrekte vlakte. Ook hier was het IMG_4146 regenseizoen in volle gang en de vlakte stond onderwater. We keken mekaar eens aan en besloten het erop te wagen. De eerste vijf honderd meter verliepen goed en toen kwamen we vast te zitten. Serieus vast… En dat op een weide tussen olifanten en buffels. Op zich geen probleem want we hebben van alle snufjes op onze Gari zitten om dit soort van problemen te vermijden. Een ARB, om het doorslippen van de wielen tegen te gaan, een winch en een differentieel. Buiten de differentieel, deden geen van onze snufjes het! Slecht contact van de slechte wegen vermoedelijk… Dus was het graven geblazen. We haalden eveneens onze rubberen matten uit en ik ging opzoek naar gedroogd gras om onder de wielen te stoppen. Langzaam maar zeker zaten we iets minder vast, maar nog altijd vast. En de olifanten kwamen steeds dichterbij!

En toen kwam er een auto! Bjorn kon de driver ervan overtuigen ons eruit te trekken. Voor de toeristen van de wagen een heel avontuur en wij waren gered! Intussen was het zo laat geworden dat we park uit moesten racen via de hoofdbaan.

Het was donker toen we eindelijk arriveerden op onze kampeerplaats en we waren doodmoe!

Donderdag 18 november

Bjorn besloot eens een kijkje te nemen naar onze ARB en winch. Die hadden altijd al gewerkt, tot we ze nodig hadden, typisch. Bleek gewoon dat het een slecht contact was en een gesprongen zekering, niets aan de hand dus. We hadden intussen ook een kortsluiting gehad in onze tent, waardoor onze stroom omvormer raar deed. Bjorn had die dus tijdelijk afgesloten en wou nu van de gelegenheid gebruik maken om die weer aan te sluiten. Ik was intussen onze keuken (twee aluminium bakken) nog eens aan het uitkuisen met detol. Plots rook ik brand! Bjorn met de stroom omvormer in de hand waar rook uitkwam, druk aan het blazen. Maar de schade was te groot. Geen tweetwintig volt meer voor ons…

Tegen de middag waren we eindelijk klaar om verder te trekken. En toen raakten we aan de praat met de Zuid-Afrikaanse uitbaters van de plaats waar we verbleven. We kregen tal van nuttige adresjes en tips en trokken uiteindelijk veel te laat Moremi binnen.

Het eerste deel van het park was prachtig en ik had er echt spijt van dat we niet meer tijd hadden om er de natuur en dieren te bewonderen. We zagen er vele impala’s met kleintjes. Zoooo schattig!  IMG_4176

Ook in Moremi had het al serieus geregend en speelden we bijna duikboot met Gari. We moesten een riviertje over, er was geen alternatieve weg. Eens we het water inreden, gingen we dieper en dieper. Bjorn had niet veel meer keuze dan doorrijden. Het water sijpelde net niet langs de deuren binnen. Effe een spannend moment. 

Pas tegen het donker kwamen we bij onze kampeerplaats aan.

Vrijdag 19 november

We hadden twee nachten in het natuurpark geboekt en dus stond er alweer een dagje ‘game driven’ op het programma. In de voormiddag genoten we IMG_4189 vooral van de prachtige landschappen van het park. Buiten vele sporen van leeuwen, zagen we niet enorm veel dieren. In de namiddag trokken we dan naar de ‘paradise pool’ en dat was echt een paradijs op aarde. We reden door een groene vlakte en plots rook Bjorn iets. Toen hij in de richting van de geur keek, zagen we een groep van maar liefst negen leeuwen. Allemaal in diepe slaap. Het was prachtig! We gingen off road en bewonderden de groep van alle kanten. De leeuwen bleven rustig verder slapen.

IMG_4308 IMG_4307

Zaterdag 20 november

IMG_4324 We ‘game driveden’ het park uit en kwamen onderweg een dode giraf tegen vol met aaseters. Verder zagen we weer veel sporen van leeuwen, maar slaagden we er niet in ze te vinden. Moremi is een natuurpark met heel veel dieren, maar door de dichte begroeiing zijn ze jammer genoeg moeilijk te zien.

Nadat we het park uit waren, trokken naar Maun, terug de beschaafde wereld in. We kwamen tegen de middag aan. Bjorn was daar indertijd heerlijk gaan eten met Erik, Ilka en Patrick. Toen we bij het restaurantje arriveerden, bleek dat echter toe te zijn. Ook de campings vielen tegen en we waren uiteindelijk beiden slecht gezind. Alweer…

Zondag 21 november

We hadden dringend nog eens behoefte aan internet en trokken naar de enige camping met internet. In de namiddag hadden we een hevige stortbui, maar wij zaten droog in de bar op ons computers te tokkelen. Altijd heerlijk om de laatste nieuwtjes van België te horen.

Maandag 22 november

De dieseltank van onze Gari lekte telkens als we een volle tank hadden en Bjorn vertrouwde het niet. We hadden van de Zuid-Afrikanen die de lodge net buiten het Moremi natuurpark runden, een goed adresje gekregen van een garagist…alweer! We maakten een afspraak met de hen voor woensdag en trokken verder naar de Nxai Pans, waar we een nacht zouden blijven.

IMG_4365 We trokken tot aan een enorme zoutpan, waarnaast grote baobabs stonden en daar picknickten we. Het was een prachtig plaatsje!

Daarna trokken we het park zelf in. Ook hier weer vele vele olifanten. De olifanten waren echter tamelijk agressief en we moesten echt opletten. We vermoeden dat er stropers in de buurt waren die het op de olifanten gemunt hadden. Op een bepaald moment reden we recht op een olifant toe die op de baan liep. We reden een stukje achteruit, maar konden niet de hele weg terugrijden. En dus besloten we te wachten. En ja, even later kwam de olifant op zijn gemakje de bocht omgelopen. En hij kwam dichter en dichter. Een kleine vijf meter voor de auto sloeg hij abrupt af naar links. Langs struikjes om kwam hij dan naar de zijkant van onze auto toegelopen (mijn kant!!). Hij trompetterde een keer luid en liep toen rustig verder. Wij wachten niet langer af en Bjorn vertrok volle gas! Die olifanten toch…

Dinsdag 23 november

Na een laatste toer doorheen het park trokken we weer richting Maun. We lunchten in een lokaal restaurantje. Blijkbaar ‘the place to be’ voor de niet werkende vrouwen van Maun om eens gezellig bij te kletsen. En ik miste mijn vriendinnen en zussen. Daarna trokken we weer naar de internet campsite. Toen we daar arriveerden zagen we een andere overlander: Tom, Lara en hun zoontje. Zij trokken van Kaapstad naar Duitsland. Lara trok inmiddels voor de derde maal doorheen Afrika. De twee keren voordien had ze West-Afrika gedaan op de moto! Een avontuurlijke madame. Ze vertelde me eerlijk dat de tweede maal ze aan het avontuur begon, ze zich afvroeg waarom ze het in hemelsnaam deed, ze beleefde er op het moment zelf niet veel plezier aan. Haar verhalen achteraf waren echter wel de moeite en een plezier om aan te horen! Zo ontmoette ze op een van haar reizen twee op en top ‘Englishmen’ in een landrover aan de grens met Congo. Om de een of andere reden werden ze door de douane beambten als groep aanzien en moesten ze verplicht samen reizen tot aan de grenspost om het land uit te raken. Zij liep er malaria op en dus mocht ze bij hen in de auto zitten, in plaats van achterop op de moto. Ze hadden een wagen vol lekkernijen als porto, olijven, maar ook hun golfkledij ontbrak niet. Vele jaren later, gaf de minnaar van Lady Di een boek uit over zijn liefdes affaire met haar. En Lara die de krant leest in het verre Duitsland roept verbaasd uit naar haar vriend: “James van Congo staat in de krant”. Ik vind zo’n verhalen schitterend!

Woensdag 24 november

We stonden die ochtend vroeg op want we hadden een paar dagen voordien een vlucht geboekt om over de Okavango Delta te vliegen. De Okavango is een rivier die in plaats van uit te monden in de zee, uitmondt in de woestijn. Een vrij bijzonder spektakel dat uiteraard het best te zien is vanuit de lucht. Om zeven uur stipt vlogen we met een klein cesna vliegtuigje de lucht in. De vlucht bleek achteraf meer om dieren te gaan dan om het bewonderen van de delta. En we waren dan ook lichtelijk teleurgesteld.

IMG_4595 IMG_4547

 

 

 

 

 

Na de vlucht ontbeten we in een kleine bar aan het vliegveld met de toepasselijke naam ‘bon arrivé’. Daarna bracht Bjorn me terug naar de Bjorn trok ‘s ochtends vroeg al naar de garage. Zijn vertrek was als de vlucht naar Egypte. Ik bleef achter op de campsite. Ik had al uitgekeken naar een dagje rustig alleen. Wat internetten, de was doen,… Door het haastige vertrek van Bjorn had ik echter de helft van de spullen niet die ik nodig had. Hij was weg met het waspoeder en met de elektriciteitskabels voor de computer.

Gelukkig kreeg ik van Lara wat waspoeder. Ze kwam me vergezellen met een kop koffie en we deelden de hele voormiddag nuttige informatie uit. Bij het opzoeken van info voor haar op mijn computer raakte mijn batterij leeg. De mailtjes die ik zo graag verstuurd had zouden dus voor een andere keer zijn. En het dagje ‘alleen zijn’ waar ik zo naar had uitgekeken was uiteindelijk helemaal niet leuk. Bjorn kwam tegen het donker terug thuis en we hadden mekaar heel wat te vertellen. Grappig hoe je er aan went om zo dicht met iemand samen te leven. Dat gaat nog wat worden als we terug in de beschaafde wereld zijn. Zullen toch aan moeten wennen.

Donderdag 25 november

Ik had de dag voordien van de gelegenheid gebruik gemaakt om ons programma voor de volgende dagen en weken uit te stippelen. Gari was terug in orde en dus was het tijd om verder te trekken. We besloten de Kalahari woestijn in Botswana links te laten liggen. Te riskant om daar in het regenseizoen alleen door te trekken. Het plan was om via het niet-toeristische noordwesten van het land richting Namibië te rijden, onze volgende bestemming.

Maar eerst moesten we nog langs de garage. De reparatie van onze dieseltoevoer breuk was de dag voordien hersteld, maar de herstelling lekte. IMG_4647 Terug naar Mike dus… Een goede mecanicien, maar ook een goede babbelaar. Hij had onze website de avond voordien al uitvoerig bekeken en vroeg ons uitleg over die foto en dat land,… Tegen de middag raakten we eindelijk weg. Gelukkig moesten we niet ver. Op ons programma stond het Ngami meer, slechts zo’n honderd vijftig kilometer verder. Dokter David Livingstone ontdekte dit meer in 1849. Hij schatte het meer toen zo’n achthonderd en tien vierkante kilometer groot. Vroeger zou het meer echter zo’n duizend achthonderd vierkante kilometer groot geweest zijn. Nu, een paar jaar na de ontdekking van Livingstone verdween het meer om niet bekende redenen, volledig.  Op het einde van de negentiende eeuw, kwam het terug even te voorschijn om te verdwijnen tot in 1964. In 1982 verdween het weer op mysterieuze wijze en kwam pas weer tevoorschijn in 2000. Niemand weet wanneer het weer zal verdwijnen.

Toen we in de vroege namiddag het meer bereikten waren we teleurgesteld. Het stond vol met bomen, waardoor je geen echt zicht had op de oppervlakte van het meer zelf. Het gaf de plaats ook een griezelig aan zicht. We volgende wat autosporen, op zoek naar een goed plekje. En toen bleek daar een lokale nieuwe nederzetting te zijn van vissers. Allerlei vreemde vellen (van slangen  denk ik) hingen te drogen. We vertrouwden het niet helemaal en reden snel terug. Bjorn vond een IMG_4663geschikte plekje in de brousse. Het had een decor uit de film ‘Lord of the Rings’ kunnen zijn: nogal spookachtig. Het was intussen echter te laat om nog verder te trekken en dus besloten we er het beste van te maken. Op het menu stond heerlijke kaasfondue met deze keer de échte Zwitserse kaas die we in Zambië op de kop hadden kunnen tikken tegen een hoog bedrag. Maar smaken dat dat deed! Enfin, het werd uiteindelijk een erg gezellige avond. Toen de zon begon onder te gaan, hoorden we af en toe plonzende geluiden in het water van slangen of vissen. Vond ik wel wat eng. Gelukkig heb ik mijn persoonlijke Bjorn zonder vrees mee om me te beschermen :-) !

Vrijdag 26 november

Die ochtend werden we op onze bizarre kampeerlek begroet door koeien die aan het meer kwamen drinken. Ze bekeken ons eens nieuwsgierig maar lieten ons verder met rust.

We zouden vandaag naar de Gcwihaba grot trekken. Onderweg zagen we onze eerste gemsbok en ik was helemaal in mijn nopjes. De naam van de grot wil zoveel zeggen als ‘hol van de hyena’. Niet omdat er hyena’s in de grot leefden, maar omdat er zoveel in de buurt van de grot zaten. In 1932 toonde een groep San een lokale blanke boer, de grot. Hij was waarschijnlijk de eerste blanke die de grot bezocht en besloot prompt om die naar zichtzelf te noemen. De bescheidenheid van die blanken toch he…

IMG_4683Bjorn vond de grot zelf niet erg bijzonder, maar ik genoot met volle teugen. We waren net op tijd voor de grote toeristische boem van de plaats. Alles stond klaar om er een nationaal park van te maken met aangelegde kampeerplaatsen, borden, toegangspoort,… Maar het was nog niet helemaal af. Wel hadden we het geluk dat er al een gids ter plaatse IMG_4675was waarmee we de grot konden intrekken. Alleen zouden we het nooit klaargespeeld hebben. aangezien de grot zelf helemaal niet ‘toeristisch’ uitgerust was. En hoewel de grotten van Han in België heel wat spectaculairder zijn, maakte dat het bezoek toch wel bijzonder. Het was er pikke pikke donker en zat boemvol met drie verschillende soorten vleemuizen aan het plafond en kakkerlakken op de grond. De kakkerlakken leefden van de uitwerpselen van de vleermuizen en de vleermuizen leefden van de kakkerlakken. Het was warm in de grot en het stonk er verschrikkelijk. Er kwam ook heel wat klimmen bij kijken om van de ene ingang tot aan de andere ingang te raken.  

Na ons grot avontuur kampeerden we weer in het wild. Lekker gezellig met ons tweetjes tussen de hyena’s :-) !

IMG_4696

Zaterdag 27 november

Via de Aha bergen zouden we terug naar de grote baan trekken. Volgens onze gids zouden die bergen bijzonder zijn omdat er door de afwezigheid van water niets dieren zouden leven. Ik weet niet echt wat ik er mij van voorgesteld had, maar wat ik zag viel erg tegen. De bergen waren groen en vol begroeiing en het regende er. Ik kon me dus moeilijk voorstellen dat daar geen dieren leefden. na een korte wandeling besloten we dus verder te trekken naar de Okavanga panhandle. Dit is het bovenste deel van de Okavango delta, voor die uitmondt via kleine aftakkingen in de woestijn.

We hadden er van de Zwitsers een leuk adresje gekregen waar we naar toe zouden gaan. Toen we daar aankwamen werd onze weg geblokkeerd door een witte Landrover die stuk was. Bij het parkeren van hun wagen had hun versnellingsbak het begeven. Tja, ook voor hun gold de gouden regel: it’s never over with a rover! We konden zo’n beetje begrijpen wat ze meemaakten en nadat we ons geïnstalleerd hadden, gingen we een praatje met ze maken. Even checken of ze hulp konden gebruiken. En zo werden Mel en Cheryl goede vrienden. Maar dat wisten we toen natuurlijk nog niet. Misschien kunnen we besluiten dat Landrover de sociale contacten bevorderd. En ik weet zeker dat je dat van een Toyota landcruiser niet kan zeggen.

Zondag 28 november

De eigenlijke reden van ons verblijf aan de Okavango panhandle was voor de mokoro boottocht. Een mokoro is een typisch bootje van de streek dat met een stok achteraan wordt voortgeduwd. Het is een heel kunstwerk om zo’n bootje al rechtstaand te besturen en je evenwicht te houden.

IMG_4722 De receptioniste wachtte ons om acht uur op en bracht ons via de lodge naar een groot meer. Wij kampeerders hadden geen toegang tot het lodge gedeelte. Er stond daar een groot bord met ‘verboden toegang voor camping gasten’. Ik vind dat altijd wat beledigend, net of we zijn als kampeerders minderwaardig. De receptioniste bracht ons naar een groot meer, waar we werden opgewacht door onze gids. Hij was een van de afstammelingen van de Angolese vluchtelingen die tijdens de burgeroorlog in hun land naar Botswana vluchtten. In 1969 organiseerden ze zichtzelf in dertien groepen, gebaseerd op hun clan en sociale structuur van Angola. Iedere groep creëerde een dorpje op een kilometer van het volgende dorpje. De regering van Botswana noemde ze Etsha een tot en met dertien.

We vertrokken met een motorbootje en voeren tot een een eilandje waar we dan in de mokoro plaatsnamen. Eens we in het motorbootje zaten vertelde onze gids ons dat hij slecht gezind was. Hij had die ochtend pas gehoord over onze tocht en had ons bijgevolg niet kunnen briefen de avond voordien. We hadden dus geen geschikte schoenen en kledij aan. Hierdoor zou hij ons niet naar het eiland kunnen varen dat hij had willen doen. En dus hadden wij het gevoel iets te missen. Achteraf vertelde hij ons dat hij het management van de lodge maar niets vond en dat hij van job wou veranderen.

IMG_4807 Wij hadden intussen een ontevreden gids en echt fijn voelde dat niet. Desondanks was het tochtje tot aan de mokoro boot al echt de moeite. Toen we plaatsnamen in de mokoro was het even lachen. De gids vertelde ons dat de eerste vijf minuten wat raar zouden doen. Zo’n bootje wiebelt echt verschrikkelijk. Ik dacht dat dit was omdat het eerste terrein nogal moeilijk was. De gids benam me echter snel die illusie. Na vijf minuten, zo zei hij, zouden we aan het wiebelen wennen :-) !

Ik vond de mokoro tocht echt fantastisch! Heel anders dan ik verwacht had. Je vaart over grassen IMG_4775 en ziet honderden vogels. De ene al wat mooier dan de andere. En die stilte… Het was echt een bijzondere ervaring. We vaarden tot aan een eilandje waar we dan pal in de middag moesten gaan wandelen. Onze gids, slofte ons van de ene plant naar de andere. Voor iedere plant bleef hij dan zo’n vijf minuten mediterend staan. Misschien om het effect van wat hij te vertellen had wat te vergroten. Wij vonden het erg irritant. Na de wandeling moest hij duidelijk bekomen en kregen we een platte rust van een klein uur voorgeschreven.

IMG_4790

Daarna voeren we via de korte weg terug naar de motorboot. Bij terugkeer aan de lodge werden we door de manager opgewacht. Onze gids leek keurde de man nauwelijks een blik waardig. En wij trokken terug naar onze kampeerplaats, ver weg van alle ontevreden personeel.

Mel en Cheryl nodigden ons uit voor een glaasje wijn en gaven ons nuttige tips over Namibië. Ze kenden het land op hun broekszak, echt super.

Zondag 29 november

We besloten een laatste dagje van Botswana te genieten en van onze mooie kampplaats. Ik deed de was. ‘s Avonds werden we bij Mel en Cheryl uitgenodigd voor een etentje dat eindigde met een verschrikkelijk onweer.

Dinsdag 30 november

Na een uitgebreid afscheid met Mel en Cheryl trokken we naar ons voorlaatste land: Namibië!

Bekijk hier al onze foto’s van Botswana.

Gelukkig nieuwjaar!

We hebben het razend druk gehad de laatste weken! We moesten dit nog zien en dat nog doen en dus zit ik weer verschrikkelijk achter met schrijven. Jullie hebben Botswana en Namibië nog van ons te goed, maar intussen wou ik jullie alvast vertellen over onze laatste grensovergang!

Gisteren was het dan eindelijk zover! Op één januari 2011 staken we de grens met Zuid-Afrika over. Na exact tien maanden zwerversbestaan een emotioneel moment, het was onze laatste grensovergang. Om het te vieren besloot ik Bjorn te trakteren op een leuk hotelletje en restaurant. Hij had het grootste deel van de weg gereden en ons veilig en wel tot Zuid-Afrika gebracht en dat is toch wel iets hè.

In het stadje dat ik had uitgekozen aangekomen, merkten we onmiddellijk dat we ons in een ander land bevonden. Enorme avenues, grote gebouwen en winkels en geen kat op straat buiten wat dronken zwarten. We voelden ons echt niet op ons gemak. Het hotelletje dat ik had uitgekozen stond Bjorn ook niet echt aan en dus besloten we verder te rijden tot aan de watervallen die de dag erop op ons programma stonden.

Met de moed in de schoenen trokken we de wagen weer in. We waren beiden doodmoe! We hadden de dag voordien op de kampplaats toevallig een Belgisch koppel ontmoet met wie we samen de overgang gevierd hadden tot in de vroege uurtjes. Intussen hing er ook regen en onweer in de lucht en we zagen kamperen niet echt zitten. De laatste loodjes wegen het zwaarst en dat is bij ons niet anders. We zijn zo stilletjes aan moe aan het worden van het reizen.

Ik had in een gids een leuk plaatsje gevonden met GPS coördinaten, maar die bleken niet te kloppen. We arriveerden uiteindelijk in het pikkedonker aan op onze bestemming en…die bleek vol boekt! En ik dacht, dat nieuwe jaar begint hier al goed! Het madammeke van de receptie gaf ons een ander adresje waar ze niet echt positief over was, maar het was volgens haar onze enige optie. Pfffff, van mijn chick vijfsterren hotel dat ik Bjorn wou trakteren waren we intussen ver gezakt in niveau van logement! Wij dus naar Lake Grappa gereden. Bij onze aankomst bleek het daar groot feest! Volle bak Zuid-Afrikaanse slager muziek. We konden ons geen typischer welkom in Zuid-Afrika inbeelden. Ook daar waren alle logementen vol boekt en de camping was onder water gelopen van de regen. We drongen toch aan om te slapen op de camping en een zwart manneke, van Namibië afkomstig, bracht ons met een elektrisch golfwagentje tot aan de camping. Ik naast hem gezeten en Bjorn moest achterop staan. De camping zelf was niets bijzonder maar we hadden onze eigen badkamer met bad en douche! Sinds Egypte hadden we geen bad meer gehad en dat was intussen acht maanden geleden.

Camping was dus in orde. Nu nog eten… We hadden buiten ons ontbijt nog niets gegeten en hadden honger honger honger. Bleek dat ze daar zelf-bediening pizza’s maakten. Je kreeg dus je deeg en kon zelf je eigen pizza maken. Super! Daarna werd die in een echte houten bakoven gebakken. Smaken dat die pizza deed. Terwijl we aten, draaide het feest daar op volle toeren en de Zuid-Afrikanen hadden zich aan het dansen gezet! Van jong tot oud dansten die in koppel rock-‘n-roll om u tegen te zeggen! We hadden intussen de tegenslagen van de dag achter ons gelaten en genoten met volle teugen.

Achteraf kregen we bij het afrekenen onze pizza’s gratis aangeboden van het zwarte manneke. Bjorn stapte voldaan zijn bad in (dat hij achteraf toch te warm vond, hij is een bad nemen niet meer gewoon, hihi) en ik nam een heerlijke douche.

Het was een avontuurlijke start van het nieuwe jaar geweest. Maar als er een ding is dat we op deze reis geleerd hebben is dat hoe hopeloos de situatie er soms ook uitziet, het meestal wel allemaal goed komt! En zo eindigde voor ons de eerste dag van het nieuwe jaar verrassend goed! Hopelijk zal die trend zich de rest van het jaar zo verder zetten. En dat wensen we jullie eveneens toe! 

En aangezien we in Zuid-Afrika zitten, kunnen we niet anders dan jullie onze beste wensen in het Zuid-Afrikaans mee te geven:

Mag die wonder van die feesseisoen jou hart raak met sy liefde en vreugde en mag vrede jou leve vul, met kersfees en altyd.

Wense vir ‘n wonderlike kersfees en vir baie geluk in die nuwe jaar.

Kerstkaartje 2010 DEF copy

Onbekend Zambia maar zeker niet onbemind!

Dinsdag 26 oktober

Na veel tegenwerking van Ilse en Dimitri, lukte het ons toch om maandag uit Lubumbashi te vertrekken. Als het aan hen had gelegen, waren we nog een week langer gebleven… Maar de regentijd naderde met rasse schreden en we vonden het tijd om verder te trekken. Het was sinds augustus dat we met familie en vrienden reisden. Toen we dus gisteren met zijn tweetjes in de auto zaten, druk ons programma voor de volgende maanden besprekend, was het een fijn gevoel!

We arriveerden in de late namiddag in het ‘chimfunshi Wildlife Orphanage’. Het allerlaatste deel van de weg hadden we een manneke meegenomen die ook die kant op moest! Amaai, plots vond Bjorn zijn voet wel erg goed het gaspedaal. Het kon niet snel genoeg gaan. Stinken dat dat manneke deed!

We reden eerst rechtstreeks naar de ‘campsite’ op mijn aanraden. Fout uiteraard! We moesten eerst naar de offices… Bjorn dus stilletjes mopperend teruggereden ;-) ! Aan de offices aangekomen, kwam Sylvia ons tegemoet. De dochter van de stichters. Ze stelde ons de ochtend wandeling met de chimpansees voor. Kostprijs: honderd dollar per persoon! Met spijt in het hart zei ik dat we dat wat te duur vonden. En toen dacht ik “what the hell”. We krijgen misschien nooit meer de kans om met chimpansees te gaan wandelen. En dus besloten we de wandeling toch maar te doen!

We zitten hier nu met een voldane glimlach in onze relax stoeltjes en zijn beiden reuze blij de wandeling gedaan  te hebben. Met een kleine, speelse chimpansee in je handen, het oerwoud inwandelen is een bijzondere ervaring. In mijn geval ook een pijnlijke ervaring want de kleine Dominique, rukte serieus aan mijn dotje om mijn rekkertje te stelen. Au… Het schouwspel dat hierop volgde van de kleine Didi die het rekkertje van kleine Dominique wou afpakken was de pijn meer dan waard!

HPIM2801 We wandelden eerst tot aan een heuveltje, waar de kleine chimpansees in de bomen ravotten. De iets oudere en rustigere chimpansees kwamen bij ons zitten en vonden het reuze onze schoenveters los te maken. Het is bijna beangstigend te zien hoe hun handen en voeten op die van ons, de mens, lijken! Enfin, niet alleen hun handen. Ze HPIM2847 hebben kriebels in de nek net als ons. Je kan ze dus kriebelen en  dan brengen ze net als ons hun hoofd richting nek en lachen ze. Ze zijn verkouden net als ons en snuiten hun neus net als ons. Wel niet in een zakdoek weliswaar! En zelfs hun snot lijkt op die van ons.

 

HPIM2838 HPIM2809

 

 

 

 

 

 

IMG_3048 Na de wandeling, gingen we een kijkje nemen naar de chimpansees die in het semi-wild leefden. Op het enorme grondgebied zijn er vier afgebakende terreinen van ieder vijfhonderd hectare, waar de chimpansees in groepen van ongeveer veertig leven. Om elf uur dertig stipt krijgen ze eten van de opvoeders. Dan worden de vrouwtjes en de mannetjes apart in kooien gezet. Daar krijgen ze dan via de tralies aardappelen, kool en ander lekkers voorgeschoteld. De opvoeders checken dan ook of er niemand ontbreekt en of ze allemaal gezond en wel zijn! Ze blijven twee uur lang in de kooien en dan worden ze terug in het wild losgelaten.

Het is grappig om te zien hoe de chimpansees hun eten tussen hun benen plaatsen, net zoals kindjes dit zouden doen, in afwachting dat ze het opeten. Een chimpansee ging bij het uitdelen van het eten altijd bij haar moeder zitten. Ze naderde zelf al de volwassen leeftijd, maar wist dat ze steeds al het eten van haar moeder kon afpakken. De moeder liet het braafjes toe en nam later al ‘vechtend’ haar eten terug van haar dochter af. Een grappig schouwspel.

De chimpansees die hier zitten komen van over de hele wereld. Vaak van mensen die het als huisdier in huis namen. Een aantal van de chimpansees waren alcoholiekers en verslaafd aan de sigaretten toen ze in chimfunshi aankwamen. Sommigen werden mishandeld als ze stout waren. Een chimpansee had een baasje dat telkens als hij stout was, hem in de ogen stak. Hij is aan een kant zijn oog kwijt. Sommige dieren zijn afkomstig uit de zoo of het circus. Zo is er een chimpansee uit een zoo in Chili die zijn voeder gebeten had. Als straf heeft het dier drie jaar in een piepklein kooitje gezeten. Van een zoo zou je toch beter verwachten… Sommige chimpansees ten slotte zijn het slachtoffer van stropers. Vaak gaat het hier om kleintjes die hun mama kwijtgeraakt zijn.

Vandaag de dag zijn er nog slechts zo’n honderd duizend chimpansees die in het wild leven. Het stropen van chimpansees gaat nog steeds voort. In vele landen staat het stoer om een chimpansee in huis te hebben. Bepaalde mensen zijn bereid hier honderd duizenden euros voor te betalen. En zo blijft de chimpansee een bedreigde diersoort.

IMG_3052 Tegen de middag trokken we terug naar onze campsite. Bjorn trok de tent in met barstende hoofdpijn en ik maakte van de gelegenheid gebruik om ons verslag te updaten. Vanwaar ik zat had ik een schitterend uitzicht op de Kafue rivier. In de verte zag ik kinderen spelen en voor mij waren visserkes druk in de weer.

Woensdag 27 oktober

Het was weer tijd om verder te trekken. Ik stond op met verschrikkelijke rugpijn die naargelang de dag vorderde alleen nog maar erger werd. Onze eerste stop was Kitwe, waar we Gari naar de garage brachten. Sinds Marcel de garagist in Dar es Salam onze cardan had gealigneerd, draait die niet lekker. Bjorn had die samen met Bernard wel terug beter gezet, maar nog altijd draaide die niet zoals vroeger. Via Erik Solo, de vroegere beste vriend van broer Helmut, kregen we de contactgegeven van een oud collega van hem die in Kitwe woont. Die gaf ons het adres van een goede garage in Kitwe.

Bij de garage aangekomen, gaf de garagist eerlijk toe ons niet te kunnen helpen. Hij zou zoals Marcel gedaan hebben en de cardan gealigneerd hebben. Verder zei hij ons dat we beter een toyota landcruiser gekocht hadden…

Volgende stop was de supermarkt. We hadden niets van eten en drank meer. Een ander oud-collega van Erik Solo die we in de garage ontmoet hadden, gaf ons het adres van een goede supermarkt. Wij daar dus naar toe. Viel dat even tegen zeg! De parking was helemaal niet veilig en dus bleef Bjorn in de auto zitten waar hij de hele tijd door een of andere gekkin werd lastig gevallen. Ik was slecht gezind want die stomme supermarkt verkocht geen grote flessen water. En dat terwijl het buiten gemiddeld zo’n vijfenveertig graden was en we dus constant moesten drinken. Terwijl ik wat flesjes cider uit de koelkast van de supermarkt nam, deed een kassierster die achter een speciale kassa stond, teken naar me. Ik dacht dus dat ik alcohol daar apart moest afrekenen. Ik vond het al wat raar, maar de kassierster bleef aandringen. Ik haal dus de drank eruit. Wat blijkt nu, de dame verveelde haar en dacht dat ik gedaan had met inkopen doen. Ik was om te ontploffen. Ik dus kwaad alles terug in mijn kar geladen en mezelf gezworen dat ik zeker niet naar haar kassa zou gaan als ik al mijn inkopen gedaan had!

Beiden slecht gezind trokken we verder naar ‘Forrest Inn’, de campsite die voor die avond op ons programma stond. Bjorn kreeg weer verschrikkelijke koppijn en bij aankomst voelden we ons beiden futloos. 

Donderdag 28 oktober

Ik was die nacht wakker geworden van de rugpijn. Echt niet te doen. Ik was al ongerust dat ik terug malaria had. In Soedan was mijn malaria aanval namelijk ook begonnen met rugpijn. Bjorn dus de tent uit om dafalgans uit de auto te halen. Ik wou dit zelf ook wel doen, maar ik krijg de deur van de auto niet meer open! Tja, zoals Chris onze garagist van Nairobi ons al zei: “it’s never over with a rover”.

Eens de dafalgan werkte, kon ik gelukkig verder slapen tot de volgende ochtend. Bij het opstaan was de rugpijn er echter weer, erger dan ooit! Dat beloofde voor de tocht…

We hadden intussen nog steeds geen water en besloten bij het eerstvolgende stadje te stoppen om nog wat geld op te halen en vooral om water te kopen. Pffff…ook daar geen grote flessen water te vinden! Uiteindelijk kocht Bjorn in een tankstation tien flessen van zeven honderd vijftig milliliter. Dat was het grootste dat we konden vinden. Aangezien Bjorn volgens mij hoofdpijn had van het te weinig drinken, besloten we extra veel te drinken. Dit had vele plaspauzes tot gevolg, maar hij had wel minder hoofdpijn :-) !

We hadden de avond voordien besloten om een kleine omweg te maken langs Mutinondo. Dit is een soort van privé park van maar liefst tien duizend hectare. In onze gids waren ze er erg positief over. Om daar te raken, moest je langs een vijfentwintig kilometer lange zandpiste, die normaal gezien in erg goede staat zou moeten zijn. We waren een beetje verbaasd over het aantal kilometers want onze GPS gaf zo’n vijfendertig kilometer piste aan. Enfin, we slaan dus af zoals onze GPS het zegt en moeten letterlijk door een jungle rijden. Het wegje dat op zich wel goed was, was overwoekerd met bomen en struiken. Vreemd… Even later hoorde ik Bjorn vloeken. Hij sprong de auto uit en met het opengaan van de deur hoor ik pssssssssssssssssst! Onze eerste platte band! En niet zo maar een platte band van een steentje of tak! Neen, van mensen die illegaal aan het hout kappen waren en hun bijl in het midden van de weg hadden laten liggen. En een gat van een bijl dat is nagenoeg onherstelbaar…

Nadat we onze band vervangen hadden, vervolgden we de weg. Plots kwamen we voor een kramakkelig brugje te staan. Voorzichtig reden we het over. Nog geen honderd meter verder weer een brug! We waren er helemaal niet gerust in met onze Gari van meer dan drie ton. Bjorn checkte de brug  eerst en ik stapte uit, al vijftig kilo minder voor de brug om te dragen. Gelukkig raakten we er zonder problemen over en even later waren we op onze bestemming! Onbeschrijflijk mooi! Nadat we vijfendertig kilometer door de brousse gereden hadden, kwamen we plots aan op een plateau met zicht op enorme zwarte ronde heuvels. Heel bijzonder om te zien. Een echt onbekend pareltje van Zambia en wat mij betreft een van de mooiste plaatsen van Zambia! Later hoorden we ook van de manager dat er een kortere en betere piste was, tevens was het brugje war we over gereden zijn eigenlijk maar ontworpen voor twee ton!

IMG_3061Om te bekomen van onze avonturen trokken we naar een watervalletje op vijf minuten van onze kampplaats en doken we het water in! Platte band waren we al lang vergeten en…tja, dat hoort erbij hè! Wat later genoten we van een prachtige zonsondergang in de bar en een lekker barbecuetje.

IMG_3087

Vrijdag 29 oktober

Bjorn had die nacht van zijn werk gedroomd en constateerde dat hij het werk miste en hij het reizen beu was. Ik begreep hem volkomen en we bespraken of we eventueel vroeger naar huis zouden kunnen gaan. Maar ja, wat dan? Zo’n jaar reizen is iets heel anders dan zo maar een maand op vakantie gaan. We voelen ons vaak futloos en lui! Ik weet nu niet of dit aan de warmte ligt, of aan het reizen zelf! Het is in ieder geval een vervelend gevoel.

Tijd voor wat actie dus! Zelf ben ik al dat zitten in de auto zo moe als koude pap! In het midden oosten was ons verblijf veel actiever. Je had er mooie steden om te bezoeken en in rond te wandelen, je kon er riviertjes volgen, burchten bezoeken,… In Afrika is onze voornaamste activiteit op game drive gaan. Wat dus wil zeggen dat onze dagen uit rijden, rijden en nog eens rijden bestaan. Geen wonder dat we beiden last hebben van rugpijn.

IMG_3105 Maar vandaag zouden we dus gaan wandelen. Bjorn had een wandeling uitgekozen en die was echt prachtig! We kwamen uit op een uitzicht punt, waar eveneens eeuwenoude rotsschilderingen te bewonderen waren. 

Tegen elf uur waren we terug aan de kampplaats en voelden we ons fit! Besluit: we hebben meer beweging nodig en veel drinken! Ik besloot om eindelijk eens het zeil dat onze toe geklapte tent bedekt, te herstellen. Bjorn besloot om nog eens naar onze cardan as te kijken. Hij checkte eveneens de motor van de auto nog eens en constateerde dat onze tweede alternator waar onze frigo, lampjes en al de rest op aangesloten zat, erg warm werd! Dit was ons nog niet eerder opgevallen! Lap, weer iets aan die stomme auto!

Bjorn was uiteindelijk tot vier uur bezig aan Gari. Te laat om aan de tweede wandeling te beginnen die we op het programma staan hadden. Een goed excuus om nog een dag langer in dit mooie oord te verblijven :-) !

Zaterdag 30 oktober

We stonden op het gemakske op. Het zijn onze laatste maanden dat we nog van het luilekkerleven kunnen genieten en dus doen we dat ook! Nadat we eveneens op het gemakske ontbeten hadden en onze rugzak gepakt hadden, waren we klaar voor de watervallen tocht. In totaal zou die ons langs vier watervallen brengen. De ene al wat mooier dan de andere. Jammer genoeg raakten we op een of andere manier onze tel kwijt en we hadden niet door dat de laatste waterval met ‘pool’ de laatste was. Daarna wandelden we en wandelden we en het padje leidde ons steeds verder van de rivier weg. Gelukkig hadden we onze GPS mee waar we zagen dat we veel te ver waren.

IMG_3122 Uitgeput en oververhit sloften we terug naar de ‘paradise pool’ waar we uitgebreid van de pool en het frisse water genoten. We waren er moederziel alleen met de wilde dieren en konden dus rustig in ons nakie zwemmen!

Met tegenzin trokken we terug naar de kampplaats. Gezien ons foutje hadden we een heel pak verder gewandeld dan voorzien. Ik was er met mijn sandalen op uit getrokken en had intussen dikke bleinen. Ik stak wat papieren zakdoekjes voor onze snotvalling waar we nog steeds last van hebben, tussen mijn hielen en de sandaal en dat hielp.

Terug aan de kampplaats trokken we onmiddellijk naar de bar voor ne frisse cola! Amaai, dat smaakte! Onze laatste boodschappen deed ik alleen en ik had zo stiekem beslist om Bjorn op een ‘gezonde-dranken-dieet’ te zetten. Ik had dus niets van frisdrank gekocht, enkel maar vruchtensapjes en water. Vandaar dat de frisdrank ons dus extra smaakte. Bjorn heeft intussen beslist om de volgende keer terug mee boodschappen te gaan doen. Soms ziet hij toch wel af met mij denk ik zo ;-) !

Toen we van de bar terug vertrokken, vertelde de man achter de bar ons dat er leeuwen gespot waren. Het was een zwarte barman en we begrepen hem niet erg goed. Bjorn keek me aan en zei me: “je moet daar niet naar luisteren, dat kan niet dat hier leeuwen zitten”.

Even later aan de auto kwam de manager Danny ons waarschuwen voor leeuwen. Een van de toeristen had die ochtend de wandeling gedaan die wij de dag voordien gemaakt hadden. Hij merkte de leeuw pas op toen die op vijftien meter! van hem vandaan stond. Ofwel was hij dus jacht op hem aan het maken, ofwel lag hij daar te rusten. De man in kwestie was gelukkig een safari gids en wist hoe hij moest reageren. Stilstaan en roepen. Hij liever dan ik!

Danny bleef nog een hele tijd met ons kletsen. Hij klaagde over de eigenaars van de lodge voor wie hij werkte. Die mensen waren al een paar keer overvallen en dachten erover het domein te verkopen. Ze investeerden dus niet echt meer in het project en dat was voor het jonge koppeltje dat de boel moest runnen, een hele desillusie. Danny was ‘outdoor guide’ van opleiding en had gehoopt om allerlei activiteiten zoals bergklimmen op te starten. Toen puntje bij paaltje kwam hadden de eigenaars hem een ‘no go’ gegeven. Het koppeltje moest daarenboven van de ene vrije lodge naar de andere verhuizen. En als alles volzet was moesten ze in een tentje slapen. En de leeuwen nu waren zo’n beetje de druppel! Ze waren echt niet op hun gemak…

Aangezien het dan toch een klaaguurtje was, begon Bjorn over onze ‘alternator’. Danny direct geïnteresseerd en de twee mannen onderzochten samen het probleem. Danny was het met Bjorn eens dat het ding na twee minuten oververhit was. Ze probeerden van alles maar kregen het probleem niet opgelost. Bjorn besloot dus het hele ding te ontkoppelen. Dat wou dus zeggen: geen frigo en licht meer! De weinige luxe die we al hadden moeten we nu ook nog eens missen :-( .

Zondag 31 oktober

Weer tijd om verder te trekken. Bestemming: ‘Kasanka national park’. Daar vindt in de maanden november en december een jaarlijkse bijeenkomst van miljoenen vleerhonden plaats. Vleerhonden zijn de grootste soort vleermuizen en ze danken hun naam aan het feit dat hun hoofd op dat van een hond of vos lijkt. Het grootste verschil met andere vleermuizen is dat hun ogen aan de voorkant van hun kop zitten, zodat ze zien met een stereoscopisch beeld. Daardoor kunnen ze de afstand heel precies inschatten. Omdat ze van vruchten leven en dus niet op jacht hoeven, zoals de andere vleermuizen, missen de vliegende honden het orgaan dat echolocatie mogelijk maakt (wikipedia).  Alle vleermuizen uit westelijk Afrika en omstreken komen jaarlijks naar Kasanka om er te smullen van een bepaald soort besjes dat dan rijp is.

IMG_3157 We waren eigenlijk speciaal voor dit park terug richting oosten gereden. We hadden dan ook geen zin om dit natuur fenomeen te missen voor een kapotte ‘alternator’. Ik had een ‘off road’ piste uitgestippeld die ons langs een prachtig meertje en nette hutten-dorpjes bracht en tegen drie uur kwamen we in het park aan. Dachten we…

We moesten ons inschrijven in de lodge van het park en boekten er ook meteen een vleermuizen wandeling voor de volgende ochtend om vier uur dertig!!! We genoten van een frisdrankje aan de bar (heerlijk heerlijk heerlijk) en moesten toen een kwartier op de rekening wachten. Het manneke was blijkbaar nieuw en wist eerst niet hoe hij ‘cola’ moest schrijven. Vervolgens was hij niet zeker hoe hij het bonnetje moest invullen en ging dus telkens naar de vorige pagina’s gaan kijken als voorbeeld. Op zo’n momenten durf ik Bjorn niet aan te kijken uit angst voor een slappe lach aanval. Hoe ergerlijk traag het ook was, dit zijn toch dingen die ik terug thuis in onze georganiseerde wereld, ga missen!

IMG_3180 De vleermuizen staan op rond half zes ‘s avonds. We vertrokken dus direct op verkenning. Onze eerste stopplaats was een uitzicht punt op de fibwe heide. Hiervoor moesten we via houten ladders een enorme boom inklimmen. Een beetje eng, maar het uitzicht was de klim meer dan waard. Op de terugtocht vertrok ik als eerste. Ik was nog maar net beneden, zo’n kleine meter van de ladder vandaan of er kwam een ‘black mamba’ slang op ons toe gekronkeld. Bjorn zag ze als eerste en deed teken. Ikke helemaal in paniek en riep: "wat moet ik doen?”. Bjorn die dacht dat de slang van de IMG_3188 ladder weg kronkelde riep me: “klim terug op de ladder”. Op dat moment kronkelde de slang razend snel naar de ladder. En dat kronkelt dus echt snel hè. Het serpent was niet op haar gemak en had het hoofd omhoog, klaar om aan te vallen. Ikke nog harder in paniek en schreeuwde deze keer: “Bjorn wat moet ik doen. Wat moet ik doen?!” (letterlijk citaat). Klein detail: ik heb een panische angst van slangen. Bjorn klom verder omhoog op de ladder en ik besloot zijn antwoord niet af te wachten en zette het op een sprint voor het leven, zo snel mogelijk van de slang weg.

Nu bleek dat de slang in haar hol net onder de ladder terug wou. Aangezien we erg stilletjes waren geweest, had ze ons pas op het laatste moment opgemerkt. Hoogstwaarschijnlijk was het beestje ever erg geschrokken van ons als wij van haar. Het was onze eerste slang en ook meteen de meest gevaarlijke slang van Afrika. De black mamba staat er immers om bekend om snel in aanval over te gaan.

Achteraf moet ik eerlijk toegeven dat ik me een piepklein beetje schaamde om mijn paniekreactie. Bjorn kwam, eens het gevaar geweken, direct op me toe gehold en gaf me een dikke knuffel. Heb ik jullie al gezegd dat het een echte schat is? Mijn hart bonkte tot een kwartier na de confrontatie nog razend snel en hard…

Daarna trokken we met de auto naar het punt waar we het beste de ontwakende vleermuizen konden aanschouwen. Op de parking stond een andere uitgeruste landrover van Zwitsers. We maakten al snel kennis met hen en kwamen tot de ontdekking dat onze GSM zich automatisch op winteruur gezet had. In Zambia doen ze hier echter niet aan mee. Gelukkig dat de Zwitsers ons hier attent op maakten of we hadden onze ochtend wandeling gemist. Wij en uren, dat gaat toch echt niet samen hoor!

Even later kwamen de eerste vleerhonden de bossen uitgezwermd. En dat werden er hoe langer hoe meer. De stroom vleerhonden kwam van alle kanten en bleef maar komen… Echt indrukwekkend.

IMG_3227

IMG_3251

 

 

 

 

 

Eens de zon onder was trokken we met het Zwitserse koppel naar de kampplaats en maakten we nieuwe vrienden!

Maandag 1 november

Ons wekkertje liep om half vier af en dat deed pijn! Samen met de twee Zwitsers, Nathalie en Gu trokken we er op uit! De gids stond ons al op te wachten, evenals de manager van het park. Hij was daar pas een paar maanden. Hij verwachtte verschillende filmploegen om dit natuur fenomeen op beeld te zetten en wou zich zo goed mogelijk voorbereiden.

IMG_3341We moesten eerst een akelig bos door. Midden in het bos moesten we dan een uitkijkpost in een boom inklimmen dat ons een uitstekend uitzicht gaf op de vleerhonden. Het leek wel of er die ochtend nog meer waren dan de avond ervoor en dat was blijkbaar ook zo. Die beestjes vliegen ‘s nachts en komen dus ook ‘s nachts op hun bestemming aan. We stonden alweer versteld van de aantallen. Het is een heel gedoe voor ze allemaal een plaatsje in de bomen vinden. Ze zijn met zovelen dat ze letterlijk de bomen vernielen.

IMG_3355

Eens de vleerhonden in bed, begon voor ons de dag pas echt. We trokken terug naar onze kampeerplaats waar we uitgebreid ontbeten met Nathalie en Gu. Daarna deelden we nuttige reistips uit, altijd handig!

Tegen tien uur was het tijd om verder te trekken. We trokken in een ruk door tot Lusaka, waar we overnachtten in Fringilla Lodge. Op de een of andere manier was Bjorn er trouwens in geslaagd de cardan as terug goed te zetten en Gari bolde terug lekker. Jammer dat er nu weer iets anders aan de auto was!

Fringilla lodge is een camping op een boerderij, zo’n vijftig kilometer van Lusaka gelegen. We hoopten dat ze ons daar wat konden verder helpen met ons alternator probleem. We ontmoetten er de zoon van de eigenaars die ons beloofde de dag erop te helpen zoeken!

‘s Avonds belden we Papa Dirk op om hem een gelukkige verjaardag te wensen.

Dinsdag 2 november

We waren nog maar net op of de eigenaar van de boerderij kwam ons een bezoekje brengen. Het was een iets oudere man. Hij was net terug van vakantie in Kenya, zijn geboorteland (witte Kenyaan). Hij was slecht gezind want in zijn afwezigheid hadden ze ramen gezet (ze waren nog steeds aan het bijbouwen) en al het glas was gesprongen. Volgens hem verdienden de zwarten van tijd tot tijd wat lappen opdat ze beter zouden werken. Vroeger kon dat nog, nu niet meer… Hij schudde bedroefd het hoofd en nam afscheid van ons!

Wat later kwam zijn zoon ons een bezoekje brengen met de mededeling dat de garagist van naast de deur een alternator voor ons had. Hij liet langs zijn neus weg vallen of we zeker waren dat het de alternator was en niet een van de baterijen. Ha, daar hadden we dus nog niet aan gedacht! We besloten dat dus eerst te testen en inderdaad. Onze alternator was tip top in orde, het waren de baterijen problemen hadden bij het opladen, ze trokken teveel stroom (vandaar de opwearming van de alternator)! Bjorn dus naar de garagist van naast de deur die bevestigde dat onze baterijen versleten waren…

Woensdag 3 november

Shop dag! We hadden een lijstje vol ‘to do’s’ en spullen die we nodig hadden: materiaal voor de auto (uiteraard), eten, nieuwe baterijen etc,…

We crosten van hier naar daar heel Lusaka door en konden nog niet de helft afwerken van wat we gepland hadden. Wel vonden we spotgoedkoop een tweedehands band want die van ons was door die bijl onherstelbaar kapot. Tja, als we iets doen, dan doen we het goed he!

‘s Avonds skypten we nog met mama Hilde en papa Luc. Nogal laat want die hebben altijd wel iets op hun programma staan. We waren vervolgens nog in het clubhuis van de boerderij uitgenodigd. We arriveerden daar pas toen ze op z’n Brits de bel rinkelden om de laatste ronde aan te kondigen. Het was echter zo gezellig dat iedereen de bel liet voor wat ze was en we tot middernacht gezellig kletsten met de locals. We moesten helemaal niets betalen…

Donderdag 4 november

We stonden beiden op met een houten kop, wij zijn dat uitgaan echt niet meer gewoon! Onze belangrijkste taak van de dag was nieuwe baterijen kopen. We vonden via via achterin ergens een klein winkeltje waar we twee goedkope Indonesische baterijen kochten.

Tegen de middag waren de baterijen voor een deel geïnstalleerd en trokken we op weg naar het natuurpark Kafue. We hadden genoeg van het stadsleven.

IMG_3373 De regentijd was nu echt daar en we bewonderden onderweg de indrukwekkende cumulus wolken. We hoopten echter dat de regen nog even zou uitblijven want Kafue werd overal ten zeerste afgeraden bij regen. Tegen de avond arriveerden we op de camping midden in het kamp. We genoten er van nog maar eens een prachtige zonsondergang.

IMG_3380

 

Vrijdag 5 november

Bjorn begon de dag met het installeren van de baterijen en ik nam mijn ‘keuken’ eens onderhanden. We hadden van iedereen gehoord dat er in Kafue niet echt veel dieren te zien waren en besloten dus geen game drive te doen. In de namiddag luierden we wat aan het zwembad en ergerden ons in het trage internet. Heel grappig, in Afrika zitten ze wat die dingen betreft toch op ons voor hoor. Heel wat plaatsen hebben internet via een satelliet verbinding.

Nathalie en Gu hadden ons aangeraden om in Kafue een ‘night game drive’ te doen. Zij hadden daar maar liefst twee jacht luipaarden gezien en een wilde hond. Maar wij hadden pech! Net die avond was er een reuze storm op komst. We vertrokken wel op game drive maar zagen helemaal niets, op wat konijnen na, die volgens onze gids geen konijnen waren: “Everyone thinks it is a labit, but it is not a labit. They do not live under the ground like leal labits.”. Afrikanen kunnen net als Chinezen de r niet zo goed uitspreken. Bjorn vroeg hem een paar keer te herhalen wat hij bedoelde met labit, vooraleer hij door had dat hij het over een rabit had!

Enfin, we zagen dus niets dieren en waren reuze teleurgesteld. Geen ‘night game drives’ meer voor ons.

We waren nog maar net terug of het begon te gieten en dat de hele nacht lang…

Zaterdag 6 november

Alles was nog druipnat toen we ons boeltje inpakten. We wilden niet te lang aarzelen, want we vreesden het ergste voor onze toch naar de gate IMG_3419waar we voor elf uur moesten uitchecken. Jammer genoeg werd onze vrees bewaarheid. De tocht was verschrikkelijk. Vooral de ‘black cotton soil’ maakte ons het leven moeilijk. Dat is zo’n kleverig boeltje dat aan onze wielen bleef plakken tot Gari helemaal niet meer vooruit kon. En dan moesten wij met onze handen de modder er terug af schrapen. Onze vingers deden dagen erna nog pijn van de modder onder onze nagels.

Buiten de modder moesten we ook doorheen enorme plassen, waar we telkens vreesden in vast te raken. Gelukkig gebeurde dit niet! Om een lang verhaal kort te maken, het was een helse rit om het park uit te raken. Eens het park uit reden we verder tot Mongu. Onderweg lunchten we in een klein gezellig restaurantje dat de Zwitsers ons aangeraden hadden. Het was het stamcafé-restaurant van de lokale boeren uit de streek.

Helemaal uitgeput want we hadden die nacht nauwelijks een oog dichtgedaan, arriveerden we op een simpele kampplaats, gerund door de evangelische kerk. We genoten er van prachtig gezang van het koor dat aan het oefenen was voor de kerkdienst van zondag, waar allerheiligen-allerzielen gevierd zou worden.

IMG_3433 Aan onze tent kregen we veel bezien van de kinderen die in een kringentje rond ons kwamen staan. Ik besloot een foto reportage van hen te maken. Vinden ze meestal fantastisch! En gelachen dat ze hebben met hun foto’s!

 

Zondag 7 november

Van Mongu zouden we naar de Liuwa Plains trekken. Dit is een natuurpark dat omgeven wordt door de ‘floodplains’ van de Zambezi. In een poging deze arme, godvergeten hoek van Zambia bereikbaarder te maken, had de overheid een aantal jaren terug een infrastructuur plan opgesteld. Er was een asfalt weg aangelegd van Lusaka tot Mongu. Verder hadden ze de Chinezen opdracht gegeven om van Mongu tot de de Liuwa plains, een dam te bouwen, doorheen het overstroom gebied van de Zambezi.

IMG_3558 Het eerste jaar na de bouw, stroomden grote stukken dam weg. De Chinezen waren druk bezig te redden wat er nog te redden viel maar van de dam bleef niet veel meer over! Ze ervaarden wat de lokale bevolking al eeuwenlang wist: de Zambezi valt niet te temmen!

De rit was bijgevolg een hele expeditie! IMG_3546 Gelukkig is Bjorn intussen een ervaren off road rijder en zonder al te veel problemen reden we door de enorme eindeloze vlaktes, langsheen de kleine dorpjes, de dam op en weer af. We vroegen ons echt af waar de mensen uit die dorpjes van leefden- overleefden. Zeker omdat ze tijdens het regenseizoen van de buitenwereld afgesloten werden.

Tegen de middag arriveerden we aan het natuurpark! We betaalden de park fee en mochten toen onze Gari op het ponton rijden dat we via een touw, zelf naar de overkant van de rivier moesten trekken! Amaai onze armen…

We wegjes van het park waren enorm zanderig. Tot overmate van ramp kozen we voor de foute piste! We kwamen in de bossen terecht en Bjorn knalde met onze daktent tegen een laaghangende tak! Allé hop, onze auto was nu eens in orde! Onze tent terug stuk! Helemaal slecht gezind kwamen we aan in de community campsite, die gerund werd door de bewoners van het dorpje vlakbij! Het was een prachtig plaatsje, maar echt genieten deden we niet. Bjorn verstoorde de rust met een fanatiek gehamer op de gebogen stalen hoek van onze tent. Hij kreeg het stuk maar niet terug recht, echter wel voldoende op de tent op te zetten.

Even later maakte Bjorn een kampvuur en ik bereidde het eten voor een barbecue. Op het menu stonden onder andere lekkere broodjes met lookboter die ik alvast klaarlegde op een stoel bij het vuur. En….Bjorn ging daar uiteraard opzitten! Diene is echt letterlijk met zijn gat in de boter gevallen bij mij :-) !

Maandag 8 november

IMG_3484We besloten vandaag alweer terug te rijden naar Mongu. We trokken eerst nog door de enorme uitgestrekte vlaktes van het park en we voelden ons heel klein. Veel dieren zagen we jammer genoeg niet, op wat bijzondere vogeltjes na en hier en daar een eenzaam wildebeest met jong. We zaten vlak bij de grens met Angola en waarschijnlijk waren daar heel wat stropers die de dierenpopulaties laag hielden. Bedroevend, maar ja, wij Europeanen hebben anders ook het merendeel van Europa leeggejaagd.

Dinsdag 9 november

IMG_3624Van Mongu zouden we naar Katima Mulilo rijden, een camping aan de Zambezi, waar we een paar dagen wilden blijven om eventueel wat te vissen. We volgende grotendeels de Zambezi, en op onze weg lagen de Ngonye Falls. Dit is een erg indrukwekkende waterval die geologisch gezien op dezelfde wijze gevormd is als de Victoria waterval. Moest trouwens de Victoria waterval niet bestaan hebben, zou dit eveneens een enorme toeristische trekpleister zijn.

Maar de Victoria waterval is er en de Ngonye waterval is bijgevolg een van de vele onbekende parels die Zambia te bieden heeft. We reden via een foute poort het domein van de waterval in. Na wat zoeken, kwamen we aan het tentje dat dienst deed als kantoor. Daar werden we er met een gidsje op uit gestuurd.

IMG_3599Samen met de gids en de ‘camping manager’ van het domein, die trouwens erg teleurgesteld was dat we niet bleven slapen, trokken we naar de waterval. We moesten eerst een half uurtje wandelen. Vandaar hadden we een zicht op wat we dachten de waterval was.

Vervolgens staken we met een bootje de rivier over. Van daar trokken we met de gids tot aan de waterval zelf en die was echt indrukwekkend!

IMG_3597

Helemaal rood en oververhit kwamen we terug aan de auto. We moesten nog een heel eind rijden tot aan onze eindbestemming! Op vijftien kilometer van de camping keek Bjorn me plots verschrikt aan. Ik had net een harde klop gehoord. Nog geen twee seconden later liet Gari een laatste gepruttel horen en viel stil! Bjorn probeerde nog eens te starten, maar tevergeefs. Gari was dood!

De klop die ik gehoord had bleek het toevoerkanaal van de diesel gebroken te hebben ter hoogte van ons achterwiel.  En zonder diesel werkt de motor niet. Vol goede moed begonnen we met het herstellen van de leiding. Toen we even later Gari terug wilden starten, kregen we er nog steeds geen leven in! Dan maar een andere herstelling bedacht, en nog steeds niets… Een ongeluk gebeurt nooit alleen en het begon verschrikkelijk te onweren! Onmogelijk om uit de auto te komen. Daarenboven was het intussen donker. Nadat het onweer voorbij was, besloten we aan voorbijkomende auto’s om hulp te vragen. We waren er intussen achter gekomen dat eens er lucht in de dieseltoevoer zit, je die daar moet uitkrijgen. Uiteraard had de vorige eigenaar daar weer iets anders op zitten dan het originele materiaal en we hadden geen idee hoe we die lucht er moesten uitkrijgen. We hielden een personenwagen aan, maar de kon ons niet helpen!

Volgens mij moeten die heilige Christoffel, ons beschermengeltje en onze heks ergens toch wel helpen want plots stopte er een witte pick-up toyota land cruiser naast ons! Achterin de pick-up zaten een drietal zwarte mannen die je zo kon uitwringen. Voorin, hoog en droog twee andere zwarte mannen. De chauffeur van de wagen was de leider en zei me ‘no problem Madam, we will fix the car’. Ze hadden nog een rit van vier uur voor de boeg en het was donker, maar dat deerde hen niet. Ze hadden zich voorgenomen om terug leven in Gari te blazen en dat deden ze!

En dan zeggen ze dat je nooit een zwarte aan je auto moet laten werken! Een van de mannekes was een uitstekende garagist! We vonden het pompje om de lucht uit het systeem te halen niet! Hakuna matata voor hem, geen probleem: dan zuigen we de lucht er gewoon met de mond uit! Daar hadden wij nog niet aan gedacht! Achteraf bleek ook dat onze herstelling van de leiding zelf niet helemaal luchtdicht was.

Ik moest stiekem giechelen want wij hebben letterlijk kilo’s en kilo’s reserve materiaal mee (vandaar misschien ons overgewicht). Tot nu toe hebben we daar nog niet zoveel van gebruikt. En dan heb je die zwarte mannekes. Het enige materiaal dat ze hadden waren wat sleutels en een dun tuinslangdarmpje! Net wat we nodig hadden.

Uiteindelijk moest de auto in gang getrokken worden. Eens die terug in gang schoot, racete ik met de zwarte garagist naast me, de donkere nacht in. Tegen honderd kilometer per uur scheurden we de slechte baan op, om zo het systeem terug goed op gang te krijgen. Ik was er niet helemaal gerust in! Maar die mannekes waren gewoonweg honderd procent te vertrouwen. De vriendelijkheid zelve!

Terwijl Gari hersteld werd, kwam de personen wagen die ons eerder hulp geweigerd had nog verschillende malen voorbij gereden. Het was erg louche. We zullen het gelukkig nooit weten, maar ik denk dat zonder de hulp van die zwarten, de mannen van de personenauto ons overvallen zouden hebben.

Om half tien ‘s avonds kwamen we uitgeput op de camping aan!

Alweer een heel avontuur. Een van de personen die we op onze reis ontmoetten en die zelf ook al door heel Afrika getrokken was zei me tijdens een van onze gesprekken: ‘An adventure is only nice to talk about when it is over.’

Woensdag 10 november

Hoewel we heel erg uitgekeken hadden naar ons verblijf aan de Zambezi, viel de camping waar we zaten verschrikkelijk tegen! We waren er moederziel alleen. En dan bedoel ik echt moederziel alleen! Zelfs geen personeel om ons te onthalen! Uiteindelijk kwam de manager van de lodge ons tegen elf uur groeten.

IMG_3631 We spraken af dat hij ons rond twee uur zou komen ophalen met een bootje om ons naar het eilandje te brengen, waar de logies voor de niet kampeerders lagen. Daar was eveneens een zwembad waar we in wilden zwemmen. Hij kwam er pas door tegen drie uur. We waren inmiddels een beetje ambetant. Toen achteraf bleek dat hij het zwembad speciaal voor ons gevuld had, werden we wat vriendelijker!

Desondanks vonden we het een vreemd oord en waren we blij de dag erop verder te kunnen trekken. 

Donderdag 11 november

Van de vreemde camping reden we in een ruk door naar Livingstone! Voor Bjorn was het intussen de derde keer dat hij de ‘Vic falls’ bezocht. Op die tien jaar tijd heeft hij Livingstone zien veranderen van een klein provinciaal stadje in een super toeristisch oord. Ik denk dat het Livingstone van tien jaar geleden hem beter beviel!

Het eerste dat we deden was voor mij een vlucht gaan boeken voor de dag erop. Bjorn had dit al gedaan, en dus zou ik alleen vliegen. Daarna trokken we naar de supermarkt. Onze eind stop was de camping. Bjorn had hier tien jaar geleden ook al eens gekampeerd en ik moet eerlijk toegeven dat ik het hier een piepklein beetje moeilijk mee had.

We maakten die namiddag uitgebreid gebruik van het zwembad. ‘s Avonds kwam de wachter ons halen omdat er olifanten vlak bij waren. En ‘s nachts kregen we bezoek van een nijlpaard dat op slechts enkele meters van ons vandaan graasde.

Vrijdag 12 november

IMG_3695 Als je aan de Vic falls denkt, geef toe, dan denk je aan massa’s water.  Iedereen kent wel het indrukwekkende beeld van die enorm lange en indrukwekkende waterval! Nu, ik dus ook. Ik was dus uitermate nieuwsgierig naar wat ik vanuit het vliegtuigje te zien zou krijgen. Ik wist uiteraard wel dat de waterval op z’n laagst stond nu, maar ik had totaal niet verwacht om de indrukwekkende ‘vic falls’ zonder water te zien! Enfin, er was eigenlijk nauwelijks een waterval te zien. De vlucht zelf was reuze en iedereen troostte me met het feit dat ik nu de geologie van de waterval veel beter kon zien en begrijpen.

Hieronder links zie je een foto van de waterval in volle glorie en rechts de waterval zoals ik die zag. Zoals je kan zien, liep er bij mij enkel aan de linker kant van de waterval water naar beneden. DSCN4875 IMG_0072

 

 

 

 

 

 

Nu, water of niet, ik vond het toch wel een indrukwekkend fenomeen.

Zaterdag 13 november

Vandaag zouden we gaan raften!! En bij dat raften was ontbijt inbegrepen in het restaurant van onze camping en dat konden we uiteraard niet links laten liggen! Ons nog eens lekker laten bedienen…

Even later kwam Potato ons ophalen. Dit was de rafting gids die Bjorn tien jaar voordien ook al gehad had. Ze waren toen het enige raft dat niet was omgekanteld en Bjorn had hem dus speciaal terug gevraagd. Het was een rafting van graad vijf en ik was er eigenlijk niet helemaal gerust in. Dat is precies dat hoe ouder ik word, hoe minder gerust ik in dat soort van dingen ben. Ik was zo gestresseerd dat ik in het begin niets van de uitleg begreep en Bjorn telkens moest vragen alles voor me te herhalen. Naast me zat een Zuid-Afrikaanse die nog veel meer schrik had als mij. Samen zaten we helemaal voorin de boot!

De eerste stroomversnelling (rapid) ging goed. De tweede verloren we de Zuid-Afrikanen en de derde rapid lag iedereen eruit! Met het lage water was de rivier veel woester dan met hoog water. De rapids waren dus een pak technischer. Gelukkig viel ik maar eenmaal uit de boot. Ik kon op het laatste moment de short van mijn Zuid-Afrikaanse buurvrouw vastgrabbelen. Potato zag het met ons als een uitdaging om het raft zoveel mogelijk te doen omslaan. Soms deden we de rapids zelf zonder raft!

‘s Middags stapte de helft van de groep op en kregen we gezelschap van een Iers koppel dat op huwelijksreis was. Ik bleef voorin zitten en Bjorn bleef achter mij zitten. Op een bepaald moment kwam er een erg moeilijke rapid aan. Potato had ons verteld dat het bijna zeker was dat we zouden kantelen. Toen we dus de rapid voorbij waren keek ik trots achterom omdat we niet waren omgekanteld. En toen zag ik tot mijn grote verbazing dat Mark en ik de enigen waren die nog op de boot zaten. Helemaal in paniek zocht ik naar Bjorn in de kolkende watermassa. Toen ik hem eindelijk vond keek ik verschrikt naar Mark en riep: “hij is aan het panikeren”. Tot ik Bjorn zag lachen. Toen moest ik Mark toegeven dat ik aan het panikeren was…

Op de rustige stukken mochten we naast de boot zwemmen, wat zalig was want het was een snikhete dag. Op de een of andere manier stapte Bjorn altijd als laatste terug in. Niet echt veilig want de rivier zat vol krokodillen. Op het laatste riep de gids Bjorn als eerste terug de boot op ;-) !

Tegen het einde van de dag begon het te regenen. Wij waren gelukkig net de boot uit toen het onweer losbarstte.

Zondag 14 november

Vandaag namen we voor goed afscheid van Zambia en trokken we naar  Botswana. Het einde van de reis komt in zicht…

Terug naar Congo

Dit artikel is door Nele en Bjorn geschreven

Vrijdag 8 oktober

We hebben intussen al veel grensovergangen meegemaakt, maar niets kan tippen aan de corrupte grensovergang met Congo. De dag begon al goed: we hadden nog steeds geen mobiel netwerk. Voor een keer dat we echt onze telefoon nodig hadden, werkte die niet! Om de vijf minuten keken we naar de telefoon, maar helemaal niets!

Ons Congo verhaal begint eigenlijk al in de zomer van 2009. Ilse De Wit, een vroegere klasgenote van Bjorn had eind juli een klasse reünie georganiseerd met hun klasje uit Congo. Daar hadden we uiteraard verteld over ons plan om door Afrika te trekken. Ilse stelde onmiddellijk voor dat als we een bezoekje aan Lubumbashi wilden brengen, we bij haar konden logeren. Ze zei ons ook dat we haar een paar dagen op het voorhand van onze komst op de hoogte moesten stellen, zodat ze haar protocol naar de grens kon sturen.

Het is namelijk zo dat de grensovergang met Congo zó moeilijk is, dat je die nauwelijks alleen kan doen. Enfin, dit kan wel, maar dan kost je dit heel veel tijd en geld! Daarom werken de mensen hier met een ‘protocol’. Je geeft die man al je papieren en hij handelt dan de douane en de immigratie af en zorgt voor de nodige stempels. In principe hoef je zelfs niet uit je auto te komen.

Terug naar het verhaal nu. We hadden om tien uur op een of andere miraculeuze wijze een berichtje van onze protocol, Mr Fabien, ontvangen. Uiteraard onmogelijk om hem terug te bellen of sms’en. We hadden hem een paar dagen voordien reeds gesproken en hem gezegd dat we rond twaalf uur aan de grens zouden zijn. We hoopten hem dus daar te ontmoeten. Het probleem was niet alleen de protocol, maar ook het huis van Ilse vinden. We hadden geen adres van haar gekregen en hadden gedacht haar te telefoneren eens we de grens over waren. Het was dus “la totale” en tegen dat we aan de grens arriveerden, waren we beiden slecht gezind en gestresseerd. We snapten echt niet waarom die stomme GSM geen netwerk vond.

We merkten onmiddellijk dat we de grens naderden aan de kilometerslange file van vrachtwagens die we voorbij moesten steken. Het deed ons denken aan de grenzen in Oost-Europa .

Eens aan de grens, trok Bjorn onmiddellijk naar het immigratie kantoor van Zambia. Dat was niet simpel want we werden onmiddellijk omringd door tientallen zogenaamde protocols die ons wilden helpen. Ik besloot de GSM nogmaals onder handen te nemen en probeerde op het Congolees netwerk te raken. En met succes! Ik belde dus onmiddellijk Mr Fabien op, die zei dat we op hem moesten wachten. Twee minuten later kwam er een manneke op ons toegestapt die ons vertelde dat hij telefoon had van Mr Fabien voor ons.

Mr Fabien vertelde Bjorn dat hij het manneke moest volgen en dat die de grensformaliteiten in Zambia voor ons zou regelen. De papieren waren nog maar net in orde of Mr Fabien was er. Samen trokken we naar het grenskantoor van Kongo en toen begon het avontuur pas. De eerste stap was de omheining van het grenskantoor binnen raken. Al niet simpel. Aangezien ze daar nauwelijks toeristen zien, kregen we de volle aandacht van de douane beambten. Aandacht in de negatieve zin van het woord. Ze wilden eerst onze wagen doorzoeken, vooraleer we het terrein binnen mochten. Onze protocol stak daar een stokje voor en na een kwartier wachten en onderhandelen lieten ze ons binnen.

Eerste obstakel overwonnen! Eens binnen, moesten we in de auto wachten. Onmiddellijk kwam er een andere douane beambte op ons toegestapt die ons zei dat we onze auto moesten laten doorzoeken vooraleer we de volgende poort door mochten. Lap, tweede obstakel! Maar wij houden poot stijf en maken niets open.

Daarna moesten we naar onze protocol gaan in een klein kantoortje van een of andere dienst. In alle landen heb je dus twee kantoren: immigratie en douane. In Congo uiteraard niet. Daar heb je zeker vijf kantoortjes en geen idee welke functie ieder van die kantoortjes heeft. Enfin, de ‘chef de bureau’ van dat kantoortje maakte uiteraard problemen. Derde obstakel! We moesten namelijk iemand hebben die garant voor ons zou staan tijdens ons verblijf. We hadden nochtans geen directe plannen om een bank te overvallen ofzo, maar dat was blijkbaar de procedure! De chef de bureau dicteerde dus een brief aan onze protocol, waarin Mr Fabien moest zeggen dat we bij hem zouden logeren en dat hij verantwoordelijk was voor ons!

Daarna moest Mr Fabien het kantoortje van de Chef de Bureau in en werd de deur achter hem dicht getrokken. Ik vermoed dat de Chef de Bureau daar een centje kreeg!

Nu nog de carnet de passage en de paspoorten regelen. Volgende bezoek was aan de politie. Geen idee waarom. Daarna naar de immigratie dienst. En wat toen gebeurde zou een schitterende komische sketch kunnen zijn, maar was voor ons jammer genoeg bittere werkelijkheid.

We lopen dus het kantoortje in en de ambtenaar zegt ons: “ah, pour ça vous avez besoin du chef de bureau”. Daarop roept hij de chef de bureau die naast hem staat: “chef de bureau, c’est pour vous”. De chef de bureau loopt ons voor naar een ander kantoortje en daar begonnen de échte problemen.

Eerst kwam er een dame op ons toegelopen die ons vroeg naar onze vaccinatie kaart. Maar we waren op alles voorzien en Bjorn toverde zonder probleem onze vaccinatie kaart boven. Ik vermoed dat dit hun tegenstak. We begonnen nu echt te voelen dat ze iets wilden vinden dat niet in orde was. En toen kwam Mr Fabien en zei dat we naar de Chef de Bureau van immigratie moesten komen! De chef de bureau zat aan zijn bureau in zijn bouwvallig kantoortje en had zijn trouwe medewerker naast hem zitten die dienst deed als papegaai en alles herhaalde wat de chef de bureau zei.

Dus, we staan met zijn drieën voor het bureau van de chef de bureau en die zegt: “Vous ne pouvez pas rrrrrrentrer (lees met rollenden r) car vous n’avez pas suivi la procédure. Vous avez obtenu votre visa à Lusaka et vous aurez du l’obtenir dans votre pays d’origine”. De trouwe medewerker herhaalt: “Oui, vous n’avez pas suivi la procédure”. Bjorn zijn bloed begon intussen te koken. Dit hadden we nog nergens meegemaakt en wat ons betreft was die man gewoon dikke zever aan het verkopen. Blijkbaar moesten we ons visum aanvragen in het land waar we woonden, België dus, maar dat visum moet je dan binnen 90 dagen gebruiken. Een Kafkaiaanse toestand dus J

Bjorn zegt dus: “Mais pourquoi alors ils n’ont rien dit à Lusaka?”.

Chef de bureau antwoord: “A Lusaka ils n’ont pas suivi la procédure”.

Trouwe medewerker zegt: “Oui, a Lusaka ils n’ont pas suivi la procédure”.

En zo ging de discussie nog even voort. Enfin, de chef de bureau had om het even wat kunnen zeggen. Hij was de chef en het was eigenlijk onmogelijk om iets tegen zijn redenering in te brengen. Mr Fabien begon zich intussen ook lichtelijk te ergeren en stuurde ons naar de auto met de opdracht zo snel mogelijk naar buiten te rijden. Wat er toen gebeurde snappen we nog steeds niet, maar in ieder geval stonden we vijf minuten later buiten met onze carnet en paspoorten netjes afgestempeld. We waren helemaal verbouwereerd!

En toen ging het allemaal snel. We moesten de protocol in zijn auto volgen en die sjeesde goed door. Onze volgende stop was de péage! Om de kleine honderd kilometer tot in Lubumbashi af te leggen, moesten we maar liefst vijftig dollar betalen! De prijs die je betaalde hing af van het gewicht van de wagen. Onze Gari werd dus op de weegschaal gezet en woog maar liefst 3,2 ton! Zijn maximum gewicht is drie ton en we zeulen dus nog steeds twee honderd kilo te veel mee. En dan zijn die zware houten bakken er al uit! Die wogen samen al zo’n kleine honderd kilo!

IMG_2350Na de péage raceten we verder tot in Lubum. Amaai, onze Gari had het moeilijk om de auto van de protocol te kunnen volgen. Ik vroeg Bjorn om de vijf minuten of hij al iets herkende! Hij werd er op het laatste ambetant van. Twintig kilometer voor Lubum zag hij het eerste herkenningspunt: de toren en terril van de Gecamine. Daarna herkende hij de zoo, de namen van de straten,… 

IMG_2770Tegen vier uur kwamen we bij Ilse aan. Het werd een reuze gezellig weerzien! We tetterden zonder ophouden tot ‘s avonds laat. Haar man Dimitri kwam tegen zeven uur met kei lekkere pizza’s en Bjorn degusteerde het lokale bier Simba!

 

Maar voor we verdergaan en jullie onze Congo avonturen vertellen, zullen we eerst onze gastvrouw en gastheer voorstellen! Ilse en Dimitri zijn beiden geboren en getogen in Lubumbashi. Ilse haar papa is dierenarts en was evenals papa Dirk professor. De mama van Ilse is kleuterjuffrouw van opleiding en nam mama Yannik haar klasje over toen die in 1986 terug naar België trok. Ilse woonde tot haar vijftiende in Lubumbashi en moest toen op internaat in België. Ze zat in Mechelen op school en studeerde net als ik in Brussel. Zat zelfs net als ik in de achterbuurten van Anderlecht op kot en geloof me, dat creëert een band! Na haar studies ging ze als stewardess bij Sabena werken. En toen ging Sabena failliet! Ze vond al snel ander werk en dat beviel haar maar niets en dus liet ze zich ontslaan… En toen kwam haar zus Elke op het idee om samen op vakantie te gaan naar Lubumbashi.

Ilse zag Dimitri terug waarmee ze in haar tienerjaren al een flirt had gehad en ze bleef plakken! Dimitri is de zoon van een Griekse bakker. Hij ging in Lubumbahi naar de Griekse school en studeerde in Griekenland voor sportleraar. Onmiddellijk na zijn studies trok hij terug naar Congo. Het werken voor een baas vond hij maar niets en samen met zijn twee broers startte hij een bedrijfje op. Het eerste jaar gingen ze failliet. Ze moesten hun ouderlijk huis verkopen. Maar ze verloren de moed niet en begonnen het jaar erop opnieuw en deze keer met succes! Ze runnen nu de meest kwaliteitsvolle quincaillerie van Lubumbashi (soort brico). Ze zijn vooral gespecialiseerd in bouwmaterialen. Sinds een paar jaar doen ze nu ook in- en export  van Lubum naar Zuid-Afrika en ook dat draait super goed!

Ilse en Dimitri trouwden en kregen drie kindjes: Janny, Irini en Illias. Alledrie blond en om op te eten!

 IMG_2372IMG_2886

Zaterdag 9 oktober

We hadden Gari de avond voordien helemaal leeggemaakt. Nu was het tijd om de was te sorteren en onze kleerkast eens uit te mesten. Amaai, dat was nodig!

Tegen elf uur kwam de manicure-pedicure voor Ilse die me ook eens onderhanden nam. Zo leuk om nog eens van die luxe van thuis te kunnen genieten. Terwijl mijn nagels gedaan werden, was ik druk bezig want ik moest Irini voorlezen. Irini is het drie-jaar oude dochtertje van Ilse en Dimitri. Daarna mocht Irini haar nageltjes ook eens laten rood lakken. En fier dat ze was. Twee dagen later was er van de nagellak tot haar grote teleurstelling niets meer te zien.

IMG_2533 Daarna brachten we de dag luierend aan het zwembad door. Ilse moest onder de middag even weg naar ‘l’école Belge’, waar ze in de raad van bestuur zit. Bjorn en ik hielden ons dus bezig met Irini en Yanni, het 5 jaar oude zoontje, en het was net of we moederke en vaderke aan het spelen waren! 

‘s Avonds was het groot feest bij Ilse en Dimitri en werd het een gezellige bedoening met heerlijke mitchopo. Dit is op de barbecue gegrilde geit. We ontmoetten er de beste vrienden van Ilse en Dimitri. Malaurie en haar man Jeroen, Sherely en haar man Hans, Philippe van de ambassade en Enriche, de schoonbroer van Ilse. Daar moet je dan nog alle kinderen bijtellen en je kan je vast wel inbeelden dat het een levendige bedoening werd! We werden hartelijk in het groepje opgenomen en Bjorn kreeg al direct verschillende job aanbiedingen!

Zondag 10 oktober

Een zondag bij Belgen in het buitenland is een zalig iets. Zeker in een vroegere Belgische kolonie want we kregen koffiekoeken!!!! En niet alleen koffiekoeken, maar ook stokbrood met lekkere hesp en salami en speculaaspasta! Ohhhhhhh zoooooooo heerlijk! ‘s Middags kregen we geroosterd vlees met frietjes en we waren gelukkig! En dan vergeet ik nog te zeggen dat we onze eigen badkamer hadden, net naast onze kamer. Voor een keer dus geen nachtwandeling als we moesten plassen. En we hadden onbeperkt internet! Al die luxe…dat was heel lang geleden dat we daar nog eens van konden genieten.

Bjorn was de enige niet die kennissen en vrienden in Lubumbashi had! Ook ik kende mensen in Lubumbashi! Zondag belde ik Didier op om af te spreken. Hij was een vriend van op kot van mijn tijd aan de ULB. We zaten samen in “les courses”.  Op de verdieping van de directrice van het gebouw. We beleefden er samen twee dolle jaren. We spraken met hem af aan ‘La Plage’ en deze keer was het mijn beurt om jeugdherinneringen op te halen! Wat hebben we gelachen met alle stoten die we daar uitgestoken hebben! La Plage is een klein winkelcentrum aan de Lac, vlak tegen de waterdam. Het is nog maar een paar maand open, ze hebben er een gezellig café, restaurant en supermarkt. Op de Lac zelf kan je met pedallo’s gaan varen en is zelf een fontein.

Maandag 11 oktober  – vrijdag 22 oktober

De volgende dagen bestonden uit luieren, verslag updaten, ziek zijn, met Ilse kletsen en bezoekjes brengen.

We begonnen de week met een bezoekje aan de Belgische school. Bjorn was reuze verbaasd toen hij merkte dat er nauwelijks iets veranderd was aan de school. IMG_2433 Samen met Ilse haalde hij herinneringen op. Een aantal vleugels met klassen zijn omgebouwd tot appartementen voor de leraren. Wat de leerlingen betreft is hooguit nog een op tien blank, maar het onderwijs zag er wel degelijk uit. Toen we langs het vroegere kleuter klasje van mama Yannick kwamen, vond ik dat vreemd genoeg een emotioneel moment!

Tegen kwart voor twaalf gingen we Yanni en Irini ophalen. Irini was intussen mijn dikke vriendin geworden en toen ze me zag moest ik haar dragen. Ik moet toegeven dat ik dat stiekem heel leuk vond!

‘s Avonds gingen we op restaurant met Didier in de Cercle Wallon die nu de Cercle Belge is geworden. In deze tijd van Belgische crisis een uitzonderlijke evolutie! We aten er lekkere mosselen uit Nieuw-Zeeland, op Congolese wijze, maar voelden ons toch echte Belgen! We hadden het wel niet over de crisis, maar eerder over de problemen van een eigen bedrijf hebben in Lubumbashi.

Didier Bastin is net als Bjorn in Lubumbashi geboren. Zijn ouders hadden daar een zaak van zonnepanelen. Eind jaren tachtig, vluchtten ze weg Lubumbashi. Toen zijn ouders terug kwamen was heel hun huis en zaak geplunderd! Ze hadden zelfs de elektriciteitsdraden uit de muren getrokken en de tegels uitgebroken! Aangezien er in Lumbumbashi op dat moment ook geen televisie was, besloot hij zijn eigen bedrijf op te richten en televisie distributeur te worden. Na zijn studies, ging Didier mee in de zaak van zijn vader werken.

Op het moment dat wij hem zagen, zaten zijn ouders in België en runde hij de zaak alleen. En daar moet je toch wel wat doorzettingsvermogen voor hebben hoor! Hij was bijna vierentwintig uur op vierentwintig in de weer. Buiten het gewone dagdagelijkse werk, bestond zijn job eruit om de verschillende controles van de staat het hoofd te bieden. Als hij het lef had iemand te ontslaan omdat die bijvoorbeeld gestolen had, dan kreeg hij de arbeidsinspectie over de vloer. Die gaf hem dan een sanctie omdat die iemand ontslaan had. Of de inspectie van volksgezondheid kwam een bezoekje brengen omdat zijn zendmasten zogezegd vervuilend waren. En al die ambtenaren zijn zo corrupt als iets en willen een ding: geld!

En dan hebben we het nog niet over het werkvolk gehad! Een dame die me bij Ilse mijn benen met was onthaarde (een zalige luxe), vatte het mooi samen: “les Congolais ne sont pas du tout honête, mais au moins, ils sont gentils”. En dat is dus effectief zo. Op alle niveaus, om het even waar, als ze kunnen zullen ze iets in hun zakken steken. Zo moet Ilse in de keuken haar potjes tellen en goed in het oog houden of ze worden gestolen. Bij Didier verknipten ze inkt banden van het kopieer apparaat om dan in het geniep rollen op de zwarte markt te verkopen. Je kan het zo gek nog niet bedenken!

Gelukkig kon hij er nog mee lachen. Dat is wel nodig als je in Congo wil overleven!

IMG_2492We waren al een paar keer voorbij het vroegere huis van mama Yannik en papa Dirk gereden. Alleen aan de buitenkant al leek er een heleboel veranderd. Er stond een muur in plaats van een haag als omheining en het kleur van het huis was veranderd. Ilse had voorgesteld om met ons naar het huis te rijden en te vragen het te bezoeken. In vlot Swahili overtuigde ze de boy ervan ons binnen te laten. Daar werden we hartelijk ontvangen door een Congolese mama die ons trots in haar huis rondleidde. Het was voor haar een hele eer om de vroegere inwoners haar huis te tonen.

IMG_2506

IMG_2518

 

 

 

 

 

En het moet gezegd zijn, het huis was dik in orde, uiteraard Congolese stijl en dus wat kitscherig. Ze had een nieuw dak laten leggen en had een extra badkamer geïnstalleerd in de rommelkamer.

Voor mij (Nele) was het eveneens een leuke ervaring want ik had al zoveel over het huis gehoord dat ik erg benieuwd was. Beiden stonden we verbaasd naar de kleine keuken en de voorraadkast te kijken. Ik had me de keuken, waar het steeds binnen  regende en de voorraadkast die elke maand van kakkerlakken ontdaan moest worden, veel groter voorgesteld!

Op ons programma stond eveneens een bezoek aan een hospitaal project. Via Père Piere hadden we in België een dossier gekregen van een hospitaal project net buiten Lubumbashi “ASBL graines d’avenir”. Bij Besix hebben we  nu al enkele jaren een Fonds voor ontwikkelingshulp, Besix Foundation, genaamd. De stichters van de ASBL hadden bij Besix een dossier voor subsidie ingediend en via Bjorn probeerden ze wat extra steun te krijgen. Voor ons vertrek heeft Bjorn dit intern besproken en beloofd om de stand van het project ter plaatse te gaan bekijken en een kort verslag als feedback te geven.

Bijgevolg maakten we dus een afspraak met de verantwoordelijke ter plaatse, een zekere Piere Kabishi. Momenteel werkt hij nog als verpleger in een privé hospitaal bij Forrest (Forrest is oa zeer betrokken bij verschillende kopermijn bedrijven in Lubum), maar eens de ASBL draait zou hij daar fulltime willen werken. Nu, hij zou ons komen ophalen rond 8 uur, maar dat is uiteindelijk “heure Congolaise” geworden: hij was daar om tien uur.

IMG_2642Ter plaatse aangekomen kregen we uitleg over het project. De initiële bedoeling was om een dagziekenhuis te voorzien in de cité (een van de armere wijken rond Lubumbashi). Zo moeten de mensen niet naar de stad gaan om basis medische verzorging te krijgen. De ruwbouw van het huis staat er al, er is een ruimte voorzien voor secretariaat, consulatie bij de dokter, kamers met diverse bedden, badkamer/toilet en wasruimtes. Echter hebben ze, na consulatie van de mensen in de cité, geconstateerd dat er vooral behoefte is aan een materniteit. Bijgevolg is het project nu tijdelijk aangepast om in de eerste plaats materniteit te kunnen voorzien. Er zijn ook plannen om op het terrein IMG_2669een bijkomende gebouw te maken om daar dan de materniteit in onder te brengen… Nu, dit is een beetje het typische voorbeeld van gebrek aan planning. De afwerking van het gebouw is nog volop bezig (plaatsen van deuren, vloerbekleding, verven,…) maar toch staan de bedden al netjes met lakens voorzien in de kamers. Als westerling kan je je daar aan ergeren, maar dit is nu eenmaal de Congolese manier.

De ASLB wil tegen eind van 2010 operationeel zijn, maar er is nog een hele hoop werk. De subsidie aanvraag bij Besix is voor het optrekken van een muur rond het terrein en eventueel ook voor de aankoop van een stroomgenerator (de stoompannes in Lubumbashi zijn zeer frequent en dat is voor een hospitaal ontoelaatbaar). Of een subsidie wordt toegekend zal de beslissing zijn van de raad van bestuur van Besix Foundation.

Na het bezoek zijn we dan aan de overkant van straat in een soort lokaal hotel nog iets gaan drinken met onze begeleiders. Het werd een klassiek gesprek in de aard van “vous, les Belges, vous ètes nos cousins. Vous devez nous aider, blablabla”. Wat ons vooral stoorde aan het project was het gebrek aan businessplan, zeker wat het financiële aspect betreft. Bijvoorbeeld: hoeveel patiënten heb je nodig aan welk tarief om de operationele kosten te kunnen dekken. Daarbij komt dan ook dat ze constant met plannen bezig zijn over uitbreiding zonder dat ze eerst zorgen dat wat ze nu hebben economisch kan werken. We zullen het in de komende jaren wat proberen op te volgen, benieuwd wat het resultaat zal zijn.

Tegen de middag waren we terug bij Ilse en na het eten zijn we dan stad ingetrokken om wat boodschappen te doen. Zo zijn we onder andere naar Megastore gegaan waar Philippe Vanneer, die Helmut en Jürgen nog kent van schooltijd, eigenaar van is. Voor ons was het ongelooflijk om zoveel Belgische producten terug te vinden. Nele was in extase! Philippe heeft afspraken met Colruyt en verscheept zo speculoospasta, marsepein, chocolade,… De meeste goederen komen per container via Dar-es-Salaam Tanzania, Zambia naar Congo, 3 maanden onderweg! Producten met korte houdsbaarheidsdatum worden per vliegtuig aangevoerd. De prijzen zijn er dan ook naar, maar even een beetje luxe is voor ons zalig!

IMG_2704We brachten ook een bezoekje aan de winkel NDB van Dimitri. In de winkel heeft hij ook een aantal dwergen aan het werk, dat zijn een bende zotte mannekes die veel sfeer in  de zaak brengen.

NDB is IMG_2636tevens ook sponsor van verschillende sportactiviteiten, zoals de voetbalclub van Lubumbashi, de “TP Mazembe”. “TP” staat voor “Tout Puissant”. Deze club behoort tot een van de beste van Afrika, vorig jaar waren ze kampioen van het continent. Als er een grote match op til is trekt de fanclub ‘les 100 pour 100” al feestend door de stad. Een traditionele stop is dan ook bij hun verschillende sponsors, waaronder ook NDB. IMG_4050IMG_4060

Later op de week, combineerden we een bezoekje aan Malaurie (goede vriendin van Ilse) met een bezoek aan de Kilima. Dat was de club van de Gecamine, hét vroegere koper mijn bedrijf van Lubumbashi. Ze hadden er een 50 meter zwembad met duikdoren, IMG_2908voetbalvelden, tennisbanen en een bowling. Bjorn ging daar vaak zwemmen en heeft daar zijn eerste tenniservaring opgedaan. Van de club blijft helaas weinig meer over. Het zwembad lag er verwaarloosd bij en de bar is al jaren dicht.  Enkel de tennisclub is nog operationeel. Dimitri is nog betrokken geweest bij het herinrichten van de installatie.

Uiteraard kon een bezoek aan de ISP (Institut Supérieur Pédagogique), de universiteit waar papa Dirk gewerkt heeft, niet ontbreken. We waren heel benieuwd om te weten wat er na al die jaren nog over was van deze instelling. Pére Pierre is er jarenlang directeur geweest, tot hij uiteindelijk in de jaren 90 noodgedwongen naar België terugkeerde. Wij hadden van hem een contactpersoon gekregen, Mr Jules Bizimana. Hij is verantwoordelijk voor de IT afdeling en heeft een twee klaslokalen uitgerust met computers. Deze zijn in Europa afgedankt en worden opgestuurd naar Lubumbashi.

IMG_2546

IMG_2590

 

 

 

 

 

Wij hadden met Jules een afspraak op de ISP en hij zou ons met plezier een rondleiding geven. Rond 9 uur troffen wij mekaar in zijn leslokaal en vol enthousiasme begon hij met zijn rondleiding. Hij had blijkbaar al aan collega’s verteld dat de zoon van professeur Dirk Walgraeve langs kwam. Dit werd ons direct duidelijk toen wij de wetenschappelijke klassen ingingen en de verschillende professoren ons enthousiast kwamen groeten. Iedereen herinnerde zich ‘le professeur’ nog goed. Velen hadden van hem les gehad of waren nog collega’s geweest. Jules toonde ons het auditorium waar papa Dirk vele uren heeft lesgegeven, de bibliotheek waar mama Yannik nog de hele inventaris gemaakt heeft, het leslokaal geografie met oude maquettes die papa Dirk nog heeft laten maken, oude sterrekijkers,… De volledige rondleiding duurde ruim 2 uur. We gingen ook dag zeggen bij de administratie, secretariaat en zelf aan de directeur.

Terwijl Bjorn aan de praat was, namen de professoren mij vaak apart en vertelden me dat Bjorn toch zo op zijn papa leek :-) !

De ISP is een opleidingscentrum waar leraren gevormd worden. Jaarlijks zijn er zo’n 1400 studenten. De studenten en professoren zijn heel gedreven, maar de middelen zijn schaars en het valt op dat het instituut het moeilijk heeft om de kwaliteit van het curriculum hoog te houden. Maar zoals overal in Congo laten de mensen de moed niet zakken en werken ze gedreven door aan hun toekomst.

Enkele dagen later moesten we nog eens langsgaan bij de ISP. Een aantal professoren hadden post voor Papa Dirk en Pére Pierre. Met Jules hebben we ook een basis gecreëerd voor een ISP blog, isplubum.wordpress.com, deze is echter nog volop in opbouw. Heel grappig, want terwijl ik hem ‘lesgaf’, kreeg hij regelmatig bezoek van studenten. Hij deed dan heel uit de hoogte en vertelde zijn studenten trots dat hij van mij les kreeg en dus druk bezig was. Dat zie ik een Belgische professor nog niet zo gauw toegeven. Achteraf legde Bjorn me uit dat het voor hem inderdaad een hele eer was om van mij les te krijgen. Toen de directeur ons bezig zag, wou hij zelfs dat ik de dag erop in de aula een internet les zou geven. Gelukkig zei Bjorn hem dat we geen tijd hadden…

Vrijdagavond, begin van het weekend,, iets waar wij niet meer bij stilstaan. Ilse had het vaste groepje vrienden uitgenodigd voor een pizza. Dimitri had voor een heel assortiment pizza’s gezorgd en met een goede Simba erbij was het alweer een heel gezellige avond. Als kers op de taart begon het ook nog te regenen! De eerste regenbui van het seizoen en dat is altijd een feest! Klinkt jullie waarschijnlijk raar in de oren, maar na weken ondraaglijke hitte, is zo’n regenbui heerlijk verfrissend en erg welkom! Ongelooflijk hoe de aarde, na maanden droogte, riekt met een goede plensbui. Jeroen onmiddellijk in bloot bovenlijf aan het dansen in de regen.

IMG_2721

Voor het weekend zijn we naar de ‘ferme’ van de ouders van Malaury en Sherley gegaan. Hun ouders kochten een jaar geleden een groot stuk land op 50 km van Lubumbashi (richting Kasenga). Een aantal weken geleden was een hele lading geiten uit Zuid-Afrika aangekomen. De bedoeling van de ouders is om die te kweken voor het vlees. De boerderij is gelegen in het midden van de brousse, het is een prachtig stuk land waar een rivier doorloopt. Een waterparadijs voor de kinderen, en de ouders!

IMG_2733

IMG_2750

 

 

 

 

 

De vrouwen zouden de zondagmorgen opkomen met de picknick, de mannen vertrokken zaterdagmiddag met drie van de kinderen. Het werd een leuk avondje ravioli eten bij olielampjes en daarna een leuk kampvuur. Zondag konden de kinderen zich uitleven met brommerke rijden, vissen in de rivier en zwemmen. Tegen drie uur stapte iedereen terug in de auto’s en reden we terug naar Lubum. De klein mannen hun kaars was op!

Een bezoekje aan de Kipopo mocht uiteraard ook niet ontbreken! In de jaren zeventig en tachtig was de Kipopo een project waar visvijvers en bosbeheer werd gedaan. Het is gelegen op zo’n vijftien kilometer van stad. De familie Langendries, goede vrienden van papa Dirk en mama Yannik woonde daar, de vader was verantwoordelijk voor het project. Vaak werden daar leuke barbecues gegeven, boottochtjes op het meer en namiddagen vissen. Bjorn was benieuwd om dit nog eens terug te zien. De ouders van Malaury en Sherley wisten ons te vertellen dat er momenteel opnieuw een project van vijf jaar loopt om de vijvers terug operationeel te maken, dit onder leiding van Jean-Pierre Marquet.

IMG_2841 IMG_2833

 

 

 

 

 

Met Gari trokken we op stap. De eerste dagen in Lubum durfden we niet goed met Gari rond te rijden en mochten we de wagen van Ilse gebruiken. We hadden schrik dat de gele kanaries (verkeersagenten van Lubum) ons constant zouden tegenhouden. We slaagden er echter in om de auto van Ilse stuk te krijgen. Het contact met de sleutel werkte plots niet meer. Wij verschrikkelijk verveeld natuurlijk. Achteraf bleek dit niet echt onze fout te zijn, maar enfin! We besloten daarna toch maar met onze Gari rond te rijden. Tot onze grote verbazing hebben de gele kanaries ons nooit tegengehouden. In tegendeel, om de een of andere bizarre reden, salueerden ze wanneer we passeerden.

Dus, we trokken met onze Gari naar de Kipopo. De papa van Malaurie en Sherely had ons gezegd dat de makkelijkste weg om er te komen via de golf was. Wat bleek nu, na een veertien kilometer brousse, op twee kilometer van de Kipopo, komen we aan een brug over de rivier die ingestort is. Een lokale dorpbewoner kwam ons vriendelijk waarschuwen: “patron, le pont il est foutu”. Noodgedwongen begonnen we aan de omweg, op aangeven van enkele dorpsbewoners. Na heel wat kleine pistes en veel omwegen kwamen we een uur! later eindelijk op de Kipopo aan. We zaten er werkelijk op het Congolese platteland en we zagen vele mijntjes van lokale “creusseurs”.

Eens aan de Kipopo aangekomen, was Bjorn verbaasd de vijvers in hun bijna oude staat terug te zien. De gebouwen die Bjorn van vroeger herkende waren netjes opnieuw geschilderd en de vijvers zijn in volle ontwikkeling. We besloten ‘à l’improviste’ om bij de familie Marquet even dag te zeggen. We hadden geluk: de beheerder zelf was er niet, maar wel zijn zoon Michael met zijn vriendin Florence. IMG_2976 Zij wonen in het huis naast dat waar vroeger de familie Langendries woonde, het is helemaal gerenoveerd met een prachtig zicht over het meer. Wij werden er goed ontvangen en met een drankje op het terras deden we elk ons verhaal. Dat is een van de leuke dingen aan Afrika, de mensen zijn er een pak spontaner in hun bezoekjes dan in Europa, waar je weken op voorhand afspraken met vrienden moet maken. In Afrika kan je gewoon spontaan binnenspringen en word je onmiddellijk mee aan tafel uitgenodigd. Het project van de Kipopo is gesponsord door de Belgische staat en loopt over 5 jaar en zit nu ongeveer halverwege. Voor de terugweg namen we de weg via Kasapa, dat is de weg die Bjorn uit zijn jeugd kende, zonder langs de kapotte brug te moeten :-) .

IMG_2936 We hadden het in een eerder artikel al over ons bezoek aan de Cité des Jeunes, een opleidingscentrum voor jongeren. Dit project bestaat al bijna net zolang als de onafhankelijkheid van Congo. Bjorn had er wel al van gehoord, maar was er nog nooit geweest. Samen met Florence van de Kipopo gingen we er bezoek. Dimitri had voorgesteld om ons er naartoe te rijden, via heel wat omwegen en sightseeing kwamen we rond de middag aan. Hoewel we op het onverwachts aankwamen heeft pater Frank een paar uur de tijd genomen om ons een uitgebreide rondleiding te geven.

Heel grappig trouwens, hij droeg een bril van bij mijn nonkel Mark, die een optiek winkel heeft in Boortmeerbeek. Daar ligt tevens het huis van de paters van Don Bosco. Soms is de wereld toch klein hè…

Zaterdag 23 oktober

Ons vertrek naderde intussen met rasse schreden en we konden Congo toch niet verlaten zonder moambe gegeten  te hebben. Ilse vond het goed dat we bij hen thuis een afscheidsfeestje hielden. Van de partij waren Malaury en Shirley met echtgenoot en kinderen en Florence en Michael.  Wij hadden moambe voor 12 man besteld en als dessert appelcrumble en vanille ijs! Als aperitief guacamole, Mexicaanse tomaten-dipsaus en ijskoude Simba. Het werd een gezellig namiddag.IMG_2981IMG_2983

Zondag 24 oktober

We sloten onze laatste volledige dag Congo af met een bezoekje aan de Cercle Hyppique, de paarden manege. Die is nog steeds operationeel en een van de weinige plaatsen die beter zijn geworden sinds het vertrek van Bjorn. Dat is vooral te danken aan de familie Forrest die het beheer voeren. De familie Forrest beheert mijnen in Lubum en heeft er heel wat voor het zeggen. Tijdens ons verblijf was er het jaarlijks “concour Hippique” waarbij paarden over de hele wereld ingevlogen worden om deel te nemen aan de wedstrijd. Voor Lubumbashi is het een evenement voor de “Beau Monde”, met vuurwerk en grote hoeden. Wij zijn er uit nieuwsgierigheid ook maar een pint gaan drinken en voor de gelegenheid had Bjorn nog eens een hemdje aangedaan.

We gingen eerder naar huis dan Ilse en Dimitri en genoten nog van de laatste luxe Nog een plons in het zwembad, nog een douchke in onze eigen badkamer,…Ik kreeg een huilbui bij het vooruitzicht nog drie maanden te moeten kamperen! Ik wist wel dat eens terug op weg, ik weer volop zou genieten, maar toch, die laatste loodjes…

Maandag 25 oktober

Vandaag onze laatste dag. In de voormiddag deden we nog wat inkopen en stopten we bij Sawa Sawa om een souvenirtje voor Ilse en Dimitri te kopen als dank voor de gastvrijheid. ’s Middags nog snel iets eten want we hadden om half een met Mr Fabien afgesproken in stad. Hij zou met ons meegaan om de grensovergang te regelen. Wij waren op tijd op de afspraak, maar hadden niet gerekend op “heure Congolaise”, dus Fabien was er pas een uurtje later. Nele helemaal geërgerd want we hadden ons nogal moeten haasten om op tijd te zijn. In onze haast waren we vergeten om Colette en Thérèse, de dienstmeisjes van Ilse dag te zeggen. Fabien had ook nog een vriend mee die ook naar Kasumbalese moest. Voor ons geen probleem, maar in de auto hebben wij geen zitplaatsen achter. Na wat verhuis met frigo hebben ze zich dan toch ergens tussengepropt voor de rit van ruim een uur. Aan de péage mochten we deze keer, met militaire groet, gewoon door. Blijkbaar dachten ze, dat we voor de Monuc (plaatselijke UN troepen) werkten. Deze moeten namelijk niet betalen. Verklaart misschien ook het gedrag van de gele kanaries. Aan het eind van de péage moet je dan bewijs van betaling tonen, maar dat hadden we dan zogezegd verloren… 50 dollar uitgespaard, cool.

De grensovergang deze keer ging vrij vlot en in een uurtje reden we Zambia terug binnen. Einde van ons Congo avontuur. Het was een confronterend bezoek geweest! Het Lubumbashi van nu is er op achteruitgegaan op het Lubumbashi van de jaren tachtig. De wegen zijn in erbarmelijke staat, daar waar Bjorn die nog keurig geasfalteerd gezien heeft. En dan nog is het Lubumbashi dat wij gezien hebben een heel pak beter dan het Lubumbashi van een paar jaar terug. Vele mensen hebben hun hoop op de nieuwe gouverneur gesteld. Iemand die niet enkel zijn zakken vult, maar ook investeert in de stad!

Of het nu aan de mentaliteit van de Congolezen ligt, of aan het koloniale verleden, weet ik niet. Congo is in ieder geval wel het meest corrupte land waar wij zijn doorgetrokken.

Oeganda staat live…eindelijk!

We zijn stillekesaan onze achterstand op het blok aan het inhalen! Bjorn is onze Congolese avonturen aan het neerpennen en ik ben ons laatste deel Zambia aan het schrijven. Intussen zijn we tot in Botswana gesukkeld. En weer het nodige meegemaakt! Eerste platte band gehad, batterijen van de auto versleten, vast gezeten in ‘black cotton soil’ (geloof me, wilt ge niet meemaken), 220V omvormer in de fik geschoten,…

In afwachting van meer details over deze laatste avonturen, kan je alvast Oeganda lezen (eindelijk).

Enjoy…

Zambia en olifanten: een heel avontuur!

Vrijdag 17 september

Na de rustige grensovergang met Malawi trokken we via een klein, nauwelijks gebruikt baantje, richting Luambe National Park. Ons klein konvooi had veel bekijks! Bernard reed ver voorop. Helmut reed vlak voor ons en wij tuften rustig achteraan. Het baantje werd zelden of nooit aangedaan door toeristen en we werden dan ook overal hartelijk onthaald door de lokale bevolking!

IMG_3166 Heel grappig, maar de meeste kindjes komen als we stoppen altijd ons beschermengeltje bewonderen. We kregen dit van een vriendin cadeau op ons afscheidsfeestje en vaak staan hier dan tientallen kinderogen verwonderd naar te kijken.

DSCF1557Tegen vier uur kwamen we in het kleine park Luambe aan. Helmut had zijn dagje niet en had onderweg heel wat slippertjes in het zand gemaakt. En eens je begint te vallen, blijf je vallen! De betaling van het park viel tegen want het bleek fel duurder te zijn geworden, ten opzichte van wat in de gids geschreven stond.

Luambe was een van de weinige parken waar de motards op hun enorme machines mochten doortrekken. Achteraf begrepen we waarom. Op de rit tot aan de lodge kwamen we niets dieren tegen. Daar zou gedurende de rest van ons verblijf in het park niet veel verandering in Luambe Wilderness Lodge, Luambe NP, Zambiakomen, op de nijlpaarden na dan. Onze aankomst op de lodge was bijzonder! Er was geen levende ziel te bekennen. Het uitzicht op de rivier vol nijlpaarden was fenomenaal. We namen dus zelf wat drinken en chips uit de auto en genoten van een prachtige zonsondergang. Nog steeds geen mens te bespeuren…

Luambe Wilderness Lodge, Luambe NP, ZambiaHelmut had er na een tijdje genoeg van en trok op zoektocht. In de keuken vond hij een verloren kok en die contacteerde de managers. Die arriveerden tien minuutjes later en bleken een foute boekingsdatum ontvangen te hebben. Geen probleem voor hen en een dik uur later kregen we met zijn allen een heerlijke maaltijd voorgeschoteld. De prijs die we er achteraf voor moesten betalen was iets minder.

Zaterdag 18 september

Bernard en Helmut trokken die ochtend vroeg op game drive. Bjorn en ik genoten van een rustige ochtend aan de rivier. Ik nam eens uitgebreid ons vuurtje onderhanden dat aan een dringende kuisbeurt toe was. Bjorn hielp me het vuurtje te ontmantelen en installeerde zich daarna met een boekje aan de rivier. Zo vonden Helmut en Bernard ons even later terug. Ze waren nogal teleurgesteld want buiten vogeltjes hadden ze niet veel gezien op hun game drive. En als echte stoere motards, konden vogeltjes hun niet echt bekoren. Het park lag middenin een jachtgebied, wat maakte dat de dieren erg schuw waren en dus moeilijk om te zien.

Luambe Wilderness Lodge, Luambe NP, ZambiaTijd voor wat actie dus! De mannen besloten te vissen. Bernard stak samen met Bjorn een vislijntje ineen. Terwijl ze hier druk mee bezig waren, had Helmut al direct beet. Hij sloeg een reuze vis aan de haak. Jammer genoeg trok die mijn vislijntje kapot! Daarna zette Bjorn zich aan het vissen. Hij hield het tot ‘s avonds laat vol, maar hij ving helemaal niets!

Zondag 19 september

Na een gepeperde rekening waren we klaar om naar ‘South Luanga National Park’ te rijden. Het reizen met de familie begon stilaan een dure grap te worden. En zoals het een stresskieken als ik betaamt, begon ik dan ook… te stressen. Bjorn, zoals altijd de rust zelve, bleef er veel kalmer onder. Als ik dan begon te mopperen dan zei hij me steeds: “Nele, het zal niet op honderd dollar aankomen op deze reis”.

We hadden die dag een avontuurlijk baantje voor de boeg. Het aantal kilometers viel gelukkig mee want de motards moesten op tijd aan de gate van het park zijn, waar ze zouden opgehaald worden. Ze mochten South Luanga niet met hun moto’s binnen. Zij hadden tot donderdag een exclusieve lodge geboekt en wij zouden buiten het park kamperen.

Het wegje naar South Luanga was erg zanderig en deze keer maakte Bernard af en toe een slippertje. Zijn BMW moto was niet echt ideaal voor dat soort van wegen. Helmut zijn KTM kon hier een pak beter tegen. Hij besloot toch het zekere voor het onzekere te nemen en reed gewoon de brousse in.   Road to South Luangwa NP, ZambiaRoad to South Luangwa NP, Zambia

 

 

 

 

 

Sommige stukken waren zo zanderig, dat Bernard de hulp van de zwartjes kreeg. Een leuk spektakel om te zien. Met soms applaus van het hele dorp als hij na veel trekken en sleuren de helling opraakte.   DSCF2005

De baan naar de hoofdpoort van het park liep een klein stukje door het park zelf. We mochten hier gratis doorrijden, op voorwaarde dat we niet van het hoofdpad afweken. Dat was uiteraard niet op broer Helmut gerekend! Die wou persé langs warmwaterbronnen rijden. Ik was hier helemaal niet scheutig op en had schrik dat we zouden beboet worden. Ik zag het niet zitten om nog extra geld uit te geven. Maar de Road to South Luangwa NP, Zambiamannen besloten het risico te nemen en dus reden we langs de warmwaterbronnen.

De bronnen bleken uiteindelijk niets speciaals te zijn. Ik moet echter toegeven dat het wel een leuk stukje park was. En voor de motards was het een bijzondere ervaring om zo met hun moto tussen de wilde dieren te rijden.

Croc Campsite, South Luangwa NP, ZambiaWe kwamen goed op tijd aan en Bernard en Helmut besloten mee te rijden tot aan de camping. We kregen weer een prachtig plaatsje aan de rivier toegewezen en konden al direct genieten van het schouwspel van een kudde olifanten die de rivier overstak.

Maandag 20 september- Woensdag 22 september

Croc Campsite, South Luangwa NP, ZambiaIk genoot van onze prachtige kampeerplaats om het blog wat te updaten. Ik installeerde me aan onze tafel en had een bureau ‘with a view’. Bjorn lag in de hangmat en als het ons te warm werd, plonsden we het zwembad in.

  

IMG_1731We trokken eveneens het park in met onze Gari. We zagen er voor het eerst ‘puku’s’. We vonden vooral het deel aan de rivier en de lagunes mooi. Verder moet ik toegeven dat ik het park eigenlijk niet veel bijzonders vond. Dat is het nadeel van te veel en te lang reizen. Je wordt erg kritisch…

South Luangwa NP, ZambiaWat we ook niet echt leuk vonden aan het park is dat we er niet in mochten kamperen. “Te veel wilde dieren” werd ons gezegd. In feite kwam het er op neer dat je verplicht werd een dure lodge te nemen, wilde je in het park overnachten. Er waren ook een paar ‘tented camps’ die ondanks de wilde dieren wel toegelaten werden. Ook hier was de kostprijs voor een nachtje niet min!

En dan komt er ook nog bij dat we in het park bij het achteruit rijden in een doodlopend straatje, tegen een boom knalden. Lap, ons twee linker achterlichten stuk. Misschien ook wel een reden waarom we een minder goede herinnering aan het park overhouden.

Op de avond van de tweede nacht kregen we bezoek van olifanten. De eigenaars van de camping hadden ons al gewaarschuwd dat dit zou kunnen gebeuren. Al onze groenten en etenswaren hadden we uit veiligheid al uit de auto moeten halen. Bjorn vindt het altijd geweldig om wilde dieren op onze kampplaats te hebben. Voor mij hoeft dit niet echt. Nu die avond was hij volop in zijn nopjes!

Eerst kregen we een enorme olifant op bezoek die erg geïnteresseerd in onze auto was. Hij kwam met zijn slurf op ons dak snuffelen, waar hij net niet kon boven kijken. En onze dak tent stond open!!! Zijn slurf kwam net niet onze tent binnen. Hij zal onze geur niet interessant gevonden hebben. Vervolgens liep hij een toertje rond de auto en toonde de olifant een levendige interesse in de moto’s van Bernard en Helmut. Ik had echt schrik dat hij die zou omstoten. Intussen stond hij vlak naast onze tent en al die tijd mocht ik van Bjorn geen kik geven. Uiteindelijk liep de olifant aan de andere kant van de auto terug weg. Wij blij dat het gevaar geweken was…

Bleek tien minuten later dat de olifant zijn vriendjes gaan halen was en plots stonden ze met drie rond onze auto. Ze vernielden de vuilbakken en kwamen overal aan snuffelen. Uiteindelijk moesten de nachtwakers ze wegjagen met een soort van enorme pepperspray bus. Dit had heel wat getrompetter tot resultaat maar daarna trokken ze gelukkig weg en lieten ons de rest van de nacht met rust…

South Luanga staat bekend om zijn safari wandelingen waarbij je met een gids en scout te voet het park intrekt. Je krijgt dan veel informatie over de bomen, planten en de habitat van de dieren. Bjorn had hier minder zin in en dus trok ik ‘s ochtends vroeg alleen op pad.

IMG_1807Een van de interessante weetjes die de gids ons vertelde betrof het vogelnestje hiernaast. Dit nest heeft een in- en uitgang. Als er dan eens een slang of andere indringer het nest in kruipt, dan kunnen de vogeltjes makkelijk langs de andere kant wegvluchten.

De rest van de dag brachten we al luierend door. We besloten die avond wel eens op nachtsafari te gaan. De mensen die ik op de ochtendsafari ontmoet had, hadden op hun game drive de vorige nacht maar liefst drie jacht luipaarden gezien! Terwijl we ons aan het klaarmaken waren om te vertrekken, kwamen plots Helmut en Bernard opduiken. Blijkbaar was er een vergissing in de boeking en dus waren ze een nacht vroeger terug van hun avontuur in de brousse.

South Luangwa NP, Zambia Helmut besloot direct mee te gaan op nacht safari en Bernard bleef op de kampplaats. De drie jacht luipaarden die op de vorige nacht game drive gespot waren, hadden blijkbaar heel wat mensen gemotiveerd en we trokken er letterlijk met een vrachtwagen vol op uit. En uiteraard zagen we helemaal niets! Helmut en ik hadden samen gelukkig veel plezier, wat ons regelmatig een shhhhht van Bjorn opleverde.

Donderdag 23 september

De route van die dag was heel wat stof tot discussie geweest. We hadden drie mogelijkheden: de mooie route en kortste route maar ook de slechtste, de lange route met het meeste asfalt en de tussenin route.

DSCF2357 We kozen op zijn Belgisch voor het compromis en namen de tussenin route. Dit leverde ons alweer een wegje op dat nauwelijks aangedaan werd en al zeker niet door toeristen. Onderweg kwamen we langs een kathedraal waar reisleider Helmut eens binnen wou. We werden enthousiast onthaald door de bisschop. Hij leidde ons uitgebreid rond en achteraf moesten we een gastenboek tekenen.

Toen we terug uit het dorpje wegreden besloten we nog wat groentjes aan de kleine stalletjes te kopen. Ze verkochten er eveneens erg mooie en spotgoedkope panen en dat kon ik natuurlijk niet laten liggen hè.

DSCF2368 Tegen de middag bereikten we de asfalt en stopten we aan een stadje langs de baan om iets kleins te eten en een paar inkopen te doen. We waren er zowat de enige blanken en stonden middenin het Afrikaanse straatleven.

Het Luangwa Bridge Camp waar we tegen de late namiddag aankwamen bleek een gezellige bedoening. Het werd uitgebaat door een Nederlands-Brits koppel en we werden hartelijk onthaald. We voelden er ons terug wat in de bewoonde wereld want de menu had heel wat lekkers te bieden. Bjorn en ik deelden een slaatje met roquefort kaas als voorgerecht… Ja ik weet het, ik ben een echte gourmand!

Vrijdag 24 september

Om aan de ‘Lower Zambezi’ te raken, had de Nederlandse eigenaar ons een hele omweg langs Lusaka aangeraden. Ondanks de vele kilometers een heel pak sneller dan de kleine wegeltjes die we van plan waren te nemen. In Lusaka hielden we even halt aan een shoppingcenter. Nu zaten we echt terug in de bewoonde wereld. We maakten allemaal van de gelegenheid gebruik om te bellen en te sms’en want we hadden al meer dan een week geen netwerk meer gehad. Mijn zus Kristel was die dag net jarig, dus dat kwam goed uit.

Nadat we iets kleins gegeten hadden, splitsten onze wegen. Bjorn en ik trokken nog snel naar de supermarkt. Helmut maakte van de gelegenheid gebruik om een nieuwe jeans te kopen. Die van hem was helemaal gescheurd aan zijn edele delen en dat was echt geen zicht. En Bernard kocht een stofbril voor één Euro zodat hij in de toekomst tijdens het nacht rijden iets zou kunnen zien. 

Ferry to Lower Zambezi, Zambia Het laatste deel was off road en we moesten eveneens een overzet boot nemen. De overzet boot! Het overvaren zelf ging vlot, maar toen begonnen de problemen. Van zodra we aan de overkant waren, wandelde ik van de boot om foto’s te kunnen nemen van de mannen die van de boot reden. Ik wachtte en wachtte en de mannen vertrokken maar niet. Wel aanschouwde ik in de verte een levendige discussie met het personeel van de boot. Nu bleek dat we de tienvoudige prijs van de lokale bevolking moesten betalen om een overzet boot voor zo’n honderd meter rivier te nemen. Dit kostte ons maar liefst twintig dollar. Bjorn was woest en weigerde te betalen. De kapitein vertelde hem rustig dat hij hem dan terug aan de andere kant van de rivier zou afzetten. Met veel tegenzin haalden de mannen hun geld boven en betaalden.

Met hun moto’s komen Helmut en Bernard vaak sneller vooruit op de kleine wegjes en ze reden dan ook ver voorop. Het begon te schemeren en ze wilden voor het donker aan de lodge aankomen. Het laatste stuk was echt brousse en de motards moesten olifanten trotseren. Alles liep goed tot negen honderd meter voor de lodge. Toen kwam Bernard vast te zitten in het losse zand en een van zijn leidingen was losgesprongen. Met wat geduw en gewring kreeg hij de darm terug op de juiste plaats en duwden Bjorn en Helmut hem in een ware stofdouche naar boven.

Bjorn en ik hadden zo’n beetje onze twijfels over deze lodge. Ze vroegen maar liefst twintig dollar per nacht per persoon voor het kamperen. Zo veel hadden we nog nergens betaald. We wilden dus wel eens zien wat we voor dit geld kregen.

Awel, dat was dus gene krot hè. De coolste kampplaats tot dan toe en we bleven uiteindelijk zelfs een nacht langer dan voorzien. Om te beginnen hadden we onze eigen douches en toilet. Onze afwas werd gedaan door onze persoonlijke ‘camping assistent’ die eveneens onze vuile kleren onder handen nam. Verder hadden we gratis internet en kregen we hout à volonté voor kampvuur en barbecue. Als dat geen luxe is…

Zaterdag 25 september – Maandag 27 september

Ons verblijf aan de Lower Zambezi was heerlijk rustig en toch was er altijd iets te doen. Een namiddag namen we visles. We kregen een stotteraard als leraar toegewezen. Eens hij alles had uitgelegd, gaf hij zich over aan het bellen en sms’en. Waarschijnlijk tot zijn grote spijt waren wij onvermoeibaar en we visten tot het donker werd. Ik had algauw een team gevormd met Bernard. Hij leerde me de kleine visjes te vangen, die hij dan als lokaas gebruikte om de grote vissen te vangen.

Mvuu Lodge, Lower Zambezi, Zambia Op een bepaald moment, toen ik een wormpje als lokaas kwam halen, sprak onze leraar me bezorgd toe: “ttttttt ell your husband he e e e must move. th th there is a crocodil and a hippo watching him”. Ikke helemaal in paniek want mijn lieve husband heeft soms tendens mijn goede raad in de wind te slaan. Ik had geluk en Bjorn liep met zijn vislijntje snel een eilandje op toen hij me hoorde.

We trokken eveneens een dag de rivier op met een kano. Het weer zat ons niet echt mee want hoewel we stroomafwaarts voeren, hadden we felle wind op en moesten we hard roeien. We roeiden het nationale park in en namen daar een kleine aftakking van de enorme rivier. We kwamen er onmiddellijk een olifant tegen en onze ranger was er niet gerust in. Heel voorzichtigjes moesten we hem voorbij peddelen. Even later zagen we een enorme krokodil het water in plonzen die zich reuze schrok van Bernard en Helmut in kano. Ne mens zou van minder verschieten ;-) ! En toen kwamen we een leguaan tegen Mvuu Lodge, Lower Zambezi, Zambiadie de eitjes van bee-eaters aan het opeten was. De vogeltjes waren woest en pikten naar de leguaan, maar die vond de eitjes veel te lekker en kroop van holletje naar holletje. Het was een verschrikkelijk zicht en broer Helmut kon het niet aanzien. Hij sprong de kano uit en met de peddel verjoeg hij Mvuu Lodge, Lower Zambezi, Zambia de leguaan… Even later passeerden we een een familie leeuwen: een manneke en zijn vier leeuwinnen. Hoewel we op slechts een paar meters van hen vandaan passeerden, bleven ze rustig liggen. Ik had er plezier in om Bernard en Helmut bezig te zien. Telkens roeiden ze tot zo dicht mogelijk bij de dieren en dan poseerden ze voor een foto die ik dan mocht nemen. Na een lange dag van roeien, stond er een auto ons op te wachten en werden we via mooie baantjes naar de camping teruggebracht. Zolang we naast de rivier reden zagen we veel olifanten en andere dieren, maar zodra we van de rivier afweken was het park droog en dor. Terug aan het kamp, had onze persoonlijk camping assistent onze auto gewassen…

Mvuu Lodge, Lower Zambezi, Zambia De rest van onze tijd brachten we al lezend door aan het zwembadje of op ons terras met zicht op de rivier. De laatste namiddag kregen we er bezoek van olifanten die interesse toonden in onze kampplaats. Het waren drie mannekes, vermoedelijk drie broers. Eerst gingen ze aan de rivier drinken en keken we rustig toe. Tot ze onze kant opkwamen… toen maakten we dat we weg waren en keken we toe veilig verborgen achter onze Gari.

De laatste avond gingen we samen met Helmut en Bernard eten in het restaurant van de lodge. We lachten ons rot toen Bjorn per ongeluk de zelfontspanner instelde op tien groepsfoto’s.

Die nacht was minder grappig. De drie mannekes olifanten kwamen ons kamp weer een bezoekje brengen en vernielden alle bomen rondom ons. Helmut was er niet helemaal gerust in toen een olifant aan de boom waaronder zijn tentje stond begon te knabbelen. Hij had de ritssluiting van zijn tent geopend om weg te kunnen hollen indien nodig. En toen kwam die olifant met zijn slurf in zijn tent snuffelen. Verschrikt sprong hij op in zijn nakie en spurtte met zijn onderbroek in de hand de tent uit. Luid roepend naar de olifant. De olifant schrok zich een ongeluk en begon luid te trompetteren. Helmut kwam verschrikt achter onze Gari staan en bleef maar roepen naar de olifant. Bjorn en ik onmiddellijk klaar wakker.

Bjorn riep verschrikt naar zijn broer en vroeg of alles in orde was. Helmut vroeg hem de sleutels van de auto te gooien zodat hij daar kon gaan schuilen. Intussen bleef hij luid roepen. De olifant trompetterde een laatste keer en besloot toen dat het beter was om te vertrekken. In volle galop liep hij samen met zijn broers terug naar de rivier en keerde de rust weer in het kamp. Mijn hartje bonkte snel want ik dacht op een bepaald moment echt dat het afgelopen was met Helmut. Die mannen doen daar altijd maar stoer over maar ik denk stiekem dat Bjorn en Helmut toch ook schrik hebben gehad hoor. Wij vrouwen geven dat tenminste eerlijk toe ;-) ! Bernard die had het goed gezien. Die sliep niet goed in zijn tentje en had voor die nacht een hut-tent gekregen om in te slapen. 

Dinsdag 28 september

Vandaag zouden onze wegen zich splitsen. Bernard en Helmut trokken via Lake Karibu naar Livingstone voor een paar dagen en Bjorn en ik trokken alvast naar Lusaka, waar Helmut en Bernard ons zouden komen vergezellen voor de laatste dagen van hun reis.

Woensdag 29 september – Woensdag 6 oktober

We hadden heel wat zaken te regelen in Lusaka. We moesten onze visums voor Congo en Namibië regelen, hadden een hele ‘shoppinglist’ voor onze vrienden in Lubumbashi meegekregen en onze Gari had een groot onderhoud nodig. En we moesten nieuwe lampekes kopen voor onze kapotte achterlichten! Ik denk dat wij na onze reis een exclusieve gids kunnen beginnen over de Land rover garages in oostelijk Afrika. We moeten ze zowat allemaal aangedaan hebben!

Ons bezoek aan de ambassade van Congo was uiteraard een avontuur apart! Toen we er binnenkwamen, zag ik er plots de stereotype Afrikanen die ik ken uit mijn jeugd. Ik besefte plots dat het weinige contact dat ik al gehad had met zwarten, contacten waren geweest met de Congolezen. Dat dit niet persé de typische Afrikanen zijn, maar een echt ras apart, besefte ik dan pas. We voelden er ons direct in de Congo. De mannen in ‘Congolees kostuum’ en de vrouwen in panen. De chickst geklede ambtenaar droeg een das met de vlag van Congo op. Hij was aan het voorlezen uit de bijbel. De twee zwarten die de preek ondergingen luisterden verveeld toe als de voorlezer even niet keek. Het doel van de tekst uit de bijbel was om zijn publiek ervan te overtuigen dat Kabila de zoon van god was.  ‘Je vous jure, Kabila c’est le fils de Dieu! Sa Mère c’est une sainte et elle a été conçu par Dieu’. We luisterden geamuseerd toe terwijl we onze papieren invulden. Even later kregen we tot onze verbazing een teken van Congolese efficiëntie. We mochten onze paspoorten die namiddag al komen ophalen. Zo snel hadden we nog nooit een visum gekregen.

We besloten de tijd te doden met een typisch koloniaal restaurantje in de golfclub. Helemaal dik en rond gegeten stonden we om twee uur terug aan de ambassade. Tot zover de Congolese efficiëntie… Onze paspoorten waren uiteraard nog niet in orde. Ze hadden een adres nodig in Congo. We besloten een professor van de ISP te bellen, de universiteit waar papa Dirk nog had lesgegeven. We hadden zijn contact gegevens van Père Pierre ontvangen (degene die onze Gari zegende). We zaten direct aan het goede adres! De ambassadeur van Congo in Lusaka bleek zijn buur te zijn! Hij gaf ons zijn adres en even later kregen we onze visum.

De dag erop trokken we naar de ambassade van Namibië voor een visum. Dat was ook een klucht! We moesten daar een verschrikkelijk gedetailleerd document invullen. Ze vroegen zelfs hoeveel geld we zouden uitgeven in Namibië. Achteraf bleek dat we helemaal geen visum nodig hadden! We hoorden dit pas een paar dagen later. Toen ik onze paspoorten terug ging ophalen vertelde de dame me dat we er sowieso goed aangedaan hadden om te checken… Jaja madammeke, maar wel veel tijdverlies!

Bij het rijden van de winkel naar de ambassade en de camping, werden we regelmatig geconfronteerd met bedelaars. Een manneke was erg agressief en klopte super hard op mijn raam omdat we hem niets gaven. Bjorn woest uiteraard. Toen we de volgende keer aan dat kruispunt stopten, liep Bjorn de auto uit, het manneke achterna. ‘t Is een harde wereld soms. Even daarna, aan een ander rood licht in een populaire zwarte buurt, werden we omsingeld door een paar jongeren. Bjorn had dit uiteraard direct opgemerkt, ik totaal niet. Plots trok een van die jongens mijn deur open en sloeg ze vervolgens terug toe en terug open en terug toe… Bjorn dus direct mijn kant aan het opkijken en intussen stak een andere jongen zijn hand door het open raam van Bjorn om onze GSM te stelen. Bjorn zag het op tijd en klopte hard op het hand van de jongen die verschrikt weg liep. Nu rijden we met de deuren gesloten…

Na twee nachten te hebben overnacht in Pioneer camp besloten we van kampplaats te veranderen. Net naast die camping was een bijeenkomst van Afrikaanse priesters aan de gang die tegen mekaar op schreeuwden en zongen. Dit begon zo rond zeven uur ‘s ochtends en eindigde rond tien uur ‘s avonds. Stapelgek werden we ervan! De andere kampeerplaats bleek niet veel beter en was volgens mij een plaats waar de rijke Zambianen afspraken met een ‘femme libre’ of ‘deuxième bureau’, op zijn Congolees gezegd! Die zaten dan overdag te drinken en te schreeuwen aan het zwembad en waren tegen de avond allemaal stomdronken. ‘s Avonds kwamen er enorme overland trucks toe met tientallen toeristen en was de rust eveneens verstoord! In de douche hoorde ik dan de meisjes gillen ‘ik heb een spin in mijn douche die in aanvalspositie staat’ (waren Hollanders). Ik moet dan eens zuchten en denk dat wij echte broussards aan het worden zijn.

We waren dus blij om terug naar Pioneer camp te trekken, waar intussen de priester bijeenkomst was afgelopen. We hadden daar ook afgesproken met IMG_2311 Helmut en Bernard. De laatste dagen met Helmut en Bernard genoten we van een paar heerlijke barbecues met het lekkere Afrikaanse vlees. Bernard uiteraard in zijn nopjes… Ik trok nog samen met de twee motards naar een lokaal marktje. Grappig om van de mannen advies te krijgen over de oorbellekes die ik leuk vond. Zelf gaf ik hen raad voor de oorbellekes en sieraden voor de dochter en de vriendinnen.

Donderdag 7 oktober

Ons wekkertje liep vroeg af om Bernard en Helmut uit te wuiven. Nadat ze vertrokken waren klom Bjorn terug zijn bed in. Hij vond het nog te koud en was nog moe…

Ik was goed gezind want we zouden eindelijk uit Lusaka vertrekken! We hadden er een dikke week doorgebracht en dat was meer dan genoeg. Ilse, de vroegere klasgenote van Bjorn bij wie we in Lubumbashi zouden overnachten, had ons een adresje aangeraden net voor Ndola. Zo ongeveer middenin tussen Lusaka en Lubumbashi gelegen.

‘s Middags stopten we in een super gezellige snackbar. We zaten er gezellig onder de bomen en bespraken de rest van onze reisroute. De familie bezoekjes waren nu achter de rug en we konden terug volop van onze vrijheid genieten!

Daarna trokken we in een trek verder naar de lodge. We voelden onmiddellijk dat we het ‘toeristische Zambia’ achter ons gelaten hadden. In deze streek van het koper of de ‘copperbelt’ komen buiten de locals, de blanke Afrikanen, en de zakenmensen niet veel toeristen.

De lodge, waar we in de late namiddag arriveerden was helemaal verlaten. De plaats leeft vooral van blanken, die in Congo of Zambië wonen, en die hier in de jungle een weekendje komen doorbrengen. Het was donderdag en dus was er geen kat te bespeuren.  

Naast de kampplaats was er een soort van ‘dierentuintje’. Het stelde niet veel voor maar we zagen er wel onze eerste Afrikaanse slangen. Ik was er niet gerust in tot groot plezier van Bjorn…

Vrijdag 8 oktober

IMG_2339 Aan onze ontbijttafel kregen we bezoek van kleine apen, die het fruit dat we aan het eten waren, roken. Zolang wij aan de tafel zaten, bleven ze op een veilige afstand. Van zodra we echter ons hoofd draaiden, sprongen ze de tafel op en aten de restjes van het fruit. Een aapje had een klein baby’tje en dat was echt super schattig.

Na het ontbijt waren we klaar voor het grote avontuur! Terug naar Congo…

Bekijk al onze foto’s van Zambia hier.

Schrijf je in op ons blog!

Aangezien onze berichtjes niet regelmatig komen, heb je vanaf nu ook de mogelijkheid om je in te schrijven op ons blog! Je ontvangt dan een e-mail wanneer we een nieuw bericht plaatsen!

Je kan dit doen via de functie rechts bovenaan onze website! Het enige dat je moet doen is je email adres geven.

Bij deze willen we jullie eveneens bedanken voor de leuke commentaren op onze berichtjes! Doet super veel plezier om te zien hoe iedereen onze avonturen volgt.

Vele vele groetjes!

Nele & Bjorn

Een vraagje om hulp…

Ik zit hier op ons tijdelijke bed in onze tijdelijke slaapkamer die eigenlijk de speelkamer is van Yanni en Irini. Dit zijn de kindjes van de mensen bij wie we in Lubumbashi logeren. Ze hebben, zoals de meeste westerse kinderen, een massa aan speelgoed. Dingen die ze helemaal vanzelfsprekend vinden. Dingen die ik zelf ook van zelfsprekend vond als kind!

Hoe langer ik reis, hoe meer ik besef dat dit eigenlijk niet zo vanzelfsprekend is. Water, elektriciteit, een goed ziekenhuis, speelgoed, een opleiding… Voor een groot deel van de wereld bevolking is dit iets ontoegankelijk, iets waarvoor hard gewerkt moet worden, of iets waar ze alleen maar van kunnen dromen! 

Gisteren brachten we een bezoekje aan de "’Cité des Jeunes’ hier in Lubumbashi. Dimitri, onze gastheer bracht ons hier naar toe en introduceerde ons bij pater Frank, een salesiaan (dat zijn die van de Don Bosco scholen). Terwijl we op hem aan het wachten waren, kwam er een zwarte binnen met een mooi hertje. Het hertje leefde nog maar was zwaar gewond door de speren waarmee ze op het dier gejaagd hadden. Bjorn en ik waren gechoqueerd. Er is al nauwelijks wild meer te vinden in Congo en op het weinige wild dat er dan nog overblijft, wordt gejaagd.

Op dat moment kwam Pater Frank binnen. Ik liet iets vallen over het hertje en hij keek me begrijpend aan. Tja zei hij, inderdaad zonde van het beestje. Voor de man die het diertje gewond had, was het echter een reuze meevaller vertelde Pater Frank ons. Hij kon dit diertje vast voor een goede prijs aan iemand verkopen.

Al te vaak hebben we tendens om de Afrikaanse wereld en bevolking volgens onze waarden en normen te bekritiseren. We proberen hen ons westers denken op te leggen. Een frustrerende bezigheid voor een bevolking die het heden als een voortzetting van het verleden ziet. Toekomst? Dat kennen ze hier niet! Een heel verschil met ons westerlingen die steeds ver vooruit de toekomst proberen te plannen en beïnvloeden! Wij die gek worden als er iets onverwachts gebeurd, waar we geen controle over hebben! En dat is iets waar de Afrikanen dan weer veel minder moeite mee hebben… Hun moto is hakuna matata. Maak je geen zorgen, het komt allemaal in orde…ooit!

Cité des Jeunes, Lubumbashi, Province du Katanga, Democratic Republic of the Congo Pater Frank is een antropoloog van opleiding en legde ons dit alles geduldig uit. Op zijn eenentwintigste kwam hij in Congo terecht. Hij heeft intussen al heel wat goed werk verzet in Lubumbashi. Sinds een jaar werkt hij nu voor de ‘Cité des Jeunes’. Dit is een soort van school voor jongeren die geen plaats vonden in het gewone secundair onderwijs. Omwille van de situatie waarin de jongeren verkeren is de opleiding volledig gratis. Je kan de opleiding die ze krijgen best omschrijven als tweedekansonderwijs op beroepsniveau waarbij het tekort aan theoretische kennis wordt gecompenseerd door veel praktische oefeningen. Na de start in een oriëntatiejaar kunnen ze kiezen tussen opleidingen als houtbewerking, mechaniek, metsen, lassen, garage, veeteelt en tuinbouw. Hun leeftijd ligt tussen 15 en 25 jaar. Bij de opname is iedereen welkom. Na de studietijd presteren de leerlingen dagelijks enkele werkuren waarmee ze hun opleiding terugbetalen. Er is ook een internaat voor 68 jongeren, bij voorkeur voor de sociaal meest kwetsbaren. De kansen op tewerkstelling voor de afgestudeerden zijn gunstig al doet ook hier de economische crisis zich gevoelen.

Cité des Jeunes, Lubumbashi, Province du Katanga, Democratic Republic of the Congo Momenteel zit de ‘Cité des Jeunes’ in financiële moeilijkheden. Een kleine ramp voor de acht honderd jongeren die daar momenteel naar school gaan in de hoop op een betere toekomst. Cité des Jeunes, Lubumbashi, Province du Katanga, Democratic Republic of the CongoHet zijn ruwe jongens, soms letterlijk van het straat geraapt. Maar het zijn ook jongens die vooruit willen door een beroep te leren. Sinds de tijd dat we nu al aan het reizen zijn, is dit een van de mooiste projecten die we zijn tegengekomen. Zo zouden er meer van moeten zijn! Heel wat nuttiger dan wat vele NGO’s doen: eten uitdelen! Sorry, we zijn door het reizen ons vertrouwen in de “artsen zonder grenzen” van deze wereld en vele andere NGO’s wat kwijt geraakt!

We kunnen jullie garanderen dat het geld dat jullie aan dit project doneren, echt goed besteed wordt! Voor meer informatie kan je terecht bij Frank Ginneberge:

Rekeningnummer waarop een steun kan worden gestort :

  • KBC 435-8034101-59 van DMOS-COMIDE (vermelding : Cité des Jeunes – Lubumbashi)

Een belangrijk detail voor zij die iets zouden willen geven: je donatie is aftrekbaar :-) !

Voor meer informatie over het land en het project, klik hier.

Volgende pagina »



Follow

Get every new post delivered to your Inbox.